blog aan mijn been
poëzie, commentaren, reflecties in een gouden oog
top
Vrije tekst
Archief
285823

20-11-2009

een bedenking bij Benno Barnard

is een ‘onmens’ vooral een onwetende?

 

In zijn repliek op Paul Goossens en Yves Desmet (zie De Morgen van vrijdag 20 november ) schrijft Benno Barnard een zin die zijn denken typeert:

‘ideologie, veel meer dan honger en dorst, drijft mensen tot extremisme – anders waren die

15 000 aanslagen sinds 2 000 wel door zwarte menen gepleegd, niet door moslims.’

De genocide in Rwanda – een conflict op basis van etniciteit én een strijd om landbouwgrond – heeft Barnard dus niet opgemerkt. Hij kijkt weg van de tragedie in Oost-Congo die naar schatting aan 5 miljoen mensen het leven heeft gekost en waarbij tienduizenden vrouwen op de gruwelijkste manier zijn verkracht. Aan de basis ligt alweer een materialistisch gegeven: de strijd om grondstoffen. En een politiek gegeven: een falende of ontbrekende staat.

Het enige onderscheid tussen Afrikaanse gewelddadigheid en islamitische is dat Afrikanen elkaar afmaken en het Westen doorgaans niet aanvallen. Behalve dan de Somalische piraten die eveneens pas tot hun crimineel gedrag zijn gekomen nadat hun visvangst kapot werd gemaakt door grootschalige visserij – om niet te zeggen stroperij – door Japanse, Maleisische en Europese schepen.

Om het even welke ideologie of om het even welke godsdienst wordt pas gevaarlijk als de materiële omstandigheden daar aanleiding toe geven: wie voldoende heeft, voelt zich niet geneigd om geweld te gebruiken, die is integendeel bang om door geweld te verliezen wat hij heeft. Daarom, en niet omdat wij zo zachtaardig zijn, werden onze eigen communautaire conflicten op enkele uitzonderingen na nooit gewelddadig.

Barnard zal wel geen ‘onmens’ zijn – daarvoor schrijft hij een te voortreffelijke poëzie – maar een onwetende is hij blijkbaar wel.

Wie de moslimdreiging ernstig neemt, dient dus in de eerste plaats te zorgen voor meer ontwikkeling en sociale rechtvaardigheid en voor meer democratie in de moslimlanden.

In eigen land is scholing – inderdaad ook van imams, zoals Barnard schrijft – van wezenlijk belang en daarom ben ik in tegenstelling tot Etienne Vermeersch een tegenstander van het hoofddoekenverbod: hou moslima’s zoveel mogelijk bij de les.

En alweer stel ik vast dat een volledige opiniepagina in De Morgen wordt volgeschreven door niet-moslims die OVER moslims praten en niet MET moslims. Waar blijven de opiniestukken van moslima’s en moslims?

de haan 20 nov. 09

Aanvulling bij deze brief naar De Morgen

 

Wat me moe en droevig maakt is de obsessie van mensen als Barnard om in de moslims alleen maar een dreiging te zien: de overgrote meerderheid van hen zijn mensen die in weinig verschillen van onszelf – praat er eens mee en je zal het ondervinden.

Wat mijn  analyse betreft, is het duidelijk dat die schatplichtig is aan Marx, de bedenker van het ‘historisch materialisme’.

Neem nu een extreem voorbeeld als de recente stenigingen in het rebellengebied van Somalië.

De mensen daar zijn straatarm en onderontwikkeld; een regering die naam waardig bestaat er niet. Is het dan zo moeilijk te begrijpen dat een paar  idioten met een geweer volstaan om een massa mee te slepen?

In 1933 kwam in het hoogbeschaafde Duitsland een tiran aan de macht die wel erger heeft uitgehaald. Maar na de crisis in de nasleep van de beurscrash van 1929 bracht hij welvaart. Dat vonden de Duitsers belangrijker dan zijn perverse ideeën. Geert Mak schrijft zelfs dat mocht Hitler in 1938 door een aanslag om het leven zijn gekomen, hij wellicht zou herdacht worden als een groot staatsman.

Dit is pas angstaanjagend: de beschaving helpt ons niet als het gaat om het materiële.

Onder  het vernis van fatsoen blijven we zoogdieren die willen vreten en paren.

En niemand kan voorspellen hoe onze wereld eraan toe zal zijn eens de gevolgen van de klimaatopwarming zich duidelijker zullen manifesteren. Het kan best dat er oorlogen uitbreken om drinkwater, dat er zo’n schaarste komt aan landbouwgrond en voedsel dat in vele delen van de wereld ernstige conflicten uitbarsten: daar zal geen islam voor nodig zijn.

De Joden zijn er in Israël nu al mee bezig.

Laten we toch eindelijk eens wat lessen trekken uit de geschiedenis: ideeën van welke aard ook worden pas gevaarlijk als de omstandigheden dat in de hand werken. De ware idiotie is dat de mens geneigd blijft om eerst met zijn buik te denken en daarna met zijn hoofd of hart.

Duizenden jaren van beschaving hebben ons daartegen nog niet immuun gemaakt.

En daar moeten we bang voor zijn, daar ben ik alleszins bang voor.

20 nov. 09

 


Delen
20-11-2009, 18:00:55 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

een meditatie bij Geert Mak

Geert Mak

 

Je leert wat bij in een boek van Geert Mak.

In ‘De eeuw van mijn vader’ kom je te weten dat er aan het Oostfront 10 000 Nederlandse SS’ers zijn gesneuveld. Daarnaast presenteert Mak een reeks cijfers over de omgekomen Joden. In geen enkel ander West-Europees land zijn er naar verhouding zoveel verdwenen:

in België 40%, in Nederland 75%, in het fascistische Italië 18 %.

Mak schrijft dit toe aan de bureaucratische degelijkheid van de Nederlanders. De administratie liep daar perfect, niet noodzakelijk uit Jodenhaat maar omdat de bureaucraten vonden dat zij  hun plicht moesten doen en de Duitse bevelen opvolgen. In sommige dorpen of steden werden de Joden gedeporteerd zonder dat er 1 Duitser aan te pas kwam.

Hoe meer ik erover lees en hoe langer ik erover nadenk, hoe vaster mijn overtuiging: er zijn momenten dat je ‘neen’ moet zeggen, ‘nee, ik doe niet mee’.

In christelijke landen zijn de mensen veel te lang opgevoed met de gedachte dat braafheid het hoogste goed was: je moest braaf en onderdanig zijn en gehoorzaam aan vader en moeder, aan de kerk en aan de overheid – om het even wie die overheid was.

Ik kan het niet genoeg herhalen: macht moet je wantrouwen  en hoe absoluter de macht, hoe absoluter jouw wantrouwen moet zijn. Jongeren moeten worden opgevoed tot zelfstandig denkende volwassenen die bereid zijn voor hun eigen mening op te komen.

Daarom moeten zij leren zich een mening te vormen, wat betekent dat in onze scholen het debatteren over actuele onderwerpen een noodzaak is. En het schrijven van teksten waarin men zijn standpunten dient te verdedigen met argumenten. Het is dan niet de bedoeling dat de leerkrachten deze standpunten gaan opdringen, zij moeten enkel letten op de waarde van de argumentatie – alleen in dringende gevallen moet worden opgetreden, bijvoorbeeld wanneer er flagrant racistische uitspraken worden gedaan.

De kwaliteit van onze democratie kan er alleen op vooruit gaan wanneer jongeren worden gevormd tot kritische volwassenen die bereid zijn zich te engageren: dus geen kritiek om de kritiek, maar een levenslange zoektocht naar de waarheid en intussen klaar staan voor je medemens.

Kritiek is kil en afstandelijk en op zich onvoldoende: er moet warmte overblijven en nabijheid om samen mens te zijn. Zoals de grote Multatuli schreef: ‘De roeping van de mens is mens te zijn.’

Mens in alle aspecten van de menselijkheid, gebruik makende van alle vormen van intelligentie, ook de emotionele of de empathie. En niet uitsluitend reflecterend aan de kant staan, maar tegelijk participeren: een samenleving is wat het woord zegt een te samen leven in betrokkenheid – aan eilandjes hebben we geen boodschap al kan je vaak het gevoel hebben dat je op een eiland teruggedrongen wordt. Remco Campert schreef: ‘Verzet begint niet met grote woorden maar met kleine daden’ van 1 en dan nog 1 en nog tot je met duizenden bent.

Niettemin: ook het woord voeren is een daad, dat heeft Campert onderschat. Ieder kan zijn eigen talenten volgen: de ene kan goed organiseren, de andere goed praten, nog een ander  is sterk in heel praktische zaken. Denk aan Poverello: iemand moet op het idee komen, maar anderen moeten het dagelijks uitvoeren. Of aan Amnesty International: schrijf een gewetensgevangene vrij, brieven hebben invloed als ze aankomen in grote aantallen.

Daarom: zeg ‘neen’ als het moet en ‘ja’ waar het kan.

de haan 20 nov. 09

 


Delen
20-11-2009, 10:08:41 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

onze eerste Europese president

onze eerste Europese president: een tsjeef par excellence

 

Herman van Rompuy wordt geprezen als een man van het overleg en de verzoening. Ik heb daar zo mijn bedenkingen bij.

Enkele jaren geleden hoorde ik de man bezig op een debatavond georganiseerd door het Humanistisch Verbond. Hij beweerde onder meer dat de christelijke zuil in Vlaanderen pluralistisch was geworden, open voor diverse overtuigingen en voor personen met een uiteenlopende levenswijze.

Er was geen gelegenheid tot vragen stellen, daarom ben ik inwendig kokend van woede weg gegaan: wist hij niet beter of zat hij bewust te liegen?

Op mijn eigen school heb ik een directeur meegemaakt die tijdens een vergadering van het ‘lokaal overlegorgaan’ verklaarde dat er nooit een holebi zou worden aangeworven zolang hij de baas was. Jonge collega’s die ongehuwd samenwoonden werden onder druk gezet om te trouwen. Nog niet benoemden werden onderworpen aan een kruisverhoor om na te gaan of ze wel leefden volgens de regels van de kerk.

In de katholieke gezondheidszorg gebeuren gelijkaardige feiten. Een ergotherapeute werd gedwongen haar kind te laten dopen, een leerling-verpleegster moest haar relatie met een gehuwde man afbreken. Je vraagt je dan ook af hoe een directie zoiets te weten komt, maar in het roddelnest Brugge is zoiets mogelijk.

Nu weet ik ook dat dergelijke feiten  niet overal voorkomen, er zijn ook verdraagzame directies. Maar het statuut binnen de katholieke zuil laat zo’n dictatoriaal optreden toe.

Van Rompuy wil dat niet weten of is totaal vervreemd van de werkelijkheid.

Maar er is meer: hij heeft zich steeds verzet tegen de legalisering van abortus; indien hij het voor het zeggen had, dan was er nooit een euthanasiewet gekomen  en geen homohuwelijk.

Kortom, deze briljantste telg van het gezin van Rompuy is een tsjeef par excellence: iemand die zich een imago heeft aangemeten van verzoening en zachtmoedigheid, maar die in wezen een oerconservatief is, bereid om zijn christelijk geweten op te dringen aan heel de bevolking.

Ik ben dus niet geneigd ‘hoera’ te roepen, nu  hij door een select groepje is aangeduid als eerste president van Europa. Trouwens, Paul Goossens heeft overschot van gelijk wanneer hij deze ‘verkiezing’ ondemocratisch en ondoorzichtig noemt.

Figuren als  de oudste van Rompuy dienen te worden gewantrouwd, juist omdat ze intelligenter zijn dan de middelmaat: hij is vooral sluw en geslepen en dat staat op zijn gezicht te lezen. Mij doet zijn snoetje altijd denken aan een vos en het spreekwoord zegt: ‘als de vos de passie preekt, boer let op je ganzen’.

de haan 20 nov. 09


Delen
20-11-2009, 06:31:32 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

19-11-2009

tenten van de schande

de tenten van de schande

 

Organisaties die zich ontfermen over vluchtelingen hebben gisteren tenten opgesteld in hartje Brussel. Want de  regering van Rompuy slaagt er niet in om de asielzoekers op te vangen.

Dit is de realiteit van de ‘rustige vastberadenheid’ waar de premier zo prat op gaat.

Nochtans heeft een Brusselse rechtbank geoordeeld dat de toestroom van vluchtelingen te voorzien was en dat de overheid in staat mocht geacht worden om ze onderdak te bezorgen.

De voorbije weken heeft onze kandidaat-president van Europa vooral zijn public relations verzorgd: hij was meer in het buitenland te vinden dan op zijn kabinet.

En onze media speculeerden met een welhaast debiele nationale trots over zijn kansen: een Belg aan de Europese top, zijn we niet met zijn allen in de wolken? Het zou wel eens kunnen dat de Europese berg vooral een grijze muis heeft gebaard.

Ter ere van onze staatsman-filosoof deze haiku:

 

hart van Europa:

geen grootstad, een tentendorp

zijn we niet beschaamd

 

de haan 19 nov. 09


Delen
19-11-2009, 08:07:32 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

onderwijs te duur

ons onderwijs blijft te duur

 

Twee tegenstrijdige berichten in de kranten van vandaag woensdag 18 november. Omdat de werkingstoelagen gedurende twee jaren zullen bevroren worden, eist Mieke van Hecke van de Guimardstraat een verhoging van de maximumfactuur.

Daartegenover wijst een studie uit dat ouders steeds meer moeten betalen, een kind in het secundair kost bijvoorbeeld bijna 1 000 euro per jaar.

Omdat ik zelf een beursstudent ben geweest en een kind van een kroostrijk gezin, ben ik bijzonder gevoelig voor deze problematiek, ik heb er als leraar dan ook altijd rekening mee gehouden – weliswaar met gemengde gevoelens want bepaalde zaken zoals boeken mogen volgens mij wel iets kosten.

Wat die schoolboeken betreft stellen we vast dat het vaak niet meer gaat om boeken maar om pakketten met allerlei modern didactisch materiaal. Bovendien zijn deze handboeken steeds luxueuzer geworden wat naar mijn mening nergens voor nodig is: maak een boek inhoudelijk interessant dan heb je geen veelkleurendruk nodig.

Dan zijn er de activiteiten extra muros waarop heel wat kan worden bespaard als men zijn objectieven beter kiest, bijvoorbeeld kortere verplaatsingen, indien mogelijk te voet.

Bezoeken aan musea kan men goedkoper maken door de rondleiding te laten geven door een bevoegde leerkracht, dan spaar je de gids al uit.

En aan de waarde van dure ondernemingen zoals skiklassen kan men ernstig twijfelen: skiën kan men ook leren na zijn 20ste of wanneer men reeds zelf deze reis kan betalen. Als het gaat om groepsvorming dan zijn initiatieven in eigen streek of land aan te bevelen. Wat het katholiek onderwijs betreft: waarom niet terugkeren naar de retraites in een klooster? En als kennismaking met de verstilling en de meditatie zou dit ook kunnen voor de officiële scholen.

Kortom, er zijn verscheidene praktische voorstellen uit te werken om de kosten van ons onderwijs te drukken. Het komt erop aan een onderscheid te maken tussen wat onmisbaar is en wat kan beschouwd worden als een luxe. In elk geval moet het zo zijn dat de kostprijs nooit een aanleiding mag zijn om voor een onderwijsrichting of school niet te kiezen: we moeten ten allen prijze de financiële discriminatie bestrijden of voorkomen. Elitescholen zijn uit den boze, althans in financiële zin en als ze gesubsidieerd worden.

Niettemin zal onderwijs voor de ouders altijd een investering blijven en wellicht de meest zinvolle uit heel hun leven, alleen mag  deze investering geen beproeving worden: opoffering zou ik liever reserveren voor de heiligen onder ons.

 de haan 18 nov. 09


Delen
19-11-2009, 07:29:13 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

18-11-2009

het blijft mei 68

68-plusser

 

je weigert, jouw weinige

wapens leg je nooit neer:

de woorden die getuigen

en bezweren – en schreeuwen

soms om jezelf te overtuigen

 

er zijn de dromen die je niet

wenst op te geven: de maakbare

mens, een wereld waar alleen

de oorlog woedt met wat

eeuwig onveranderlijk blijft,

 

de schande van de sterfelijkheid,

tederheden die bederven;

de woede in het bloed

die zich in een bed moet ontladen

 

verder zal je weigeren 

te aanvaarden wat weerlozen

wordt aangedaan: de diefstal

van hun grond, het vergruizelen

van hun huizen, knapen die men

een geweer doet dragen, meisjes

die een  leider ter wille zijn

 

met weinige wapens trek je

ten strijde: een brief in een fles,

een briesen in sombere syllaben

 

je hebt de gave van het schamele

woord en die opgave zal je dragen:

dagelijks, desnoods in nachten

zonder slaap – want er is de noodzaak

 

om in dromen te geloven:

het maakbare zoals volgens

een verhaal de beren hun jongen

likken in een berenvorm

 

zo brengt een mensdier nieuwe

mensdieren groot: in de vorm

van een  gedroomde mens

die bevrijd is van de schaamte

en voldaan zich neervlijt

in de plooien van de aarde

zowaar verzoend met de dood


Delen
18-11-2009, 16:33:00 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

een protestbriefje aan Knack

 

 Kennis is fun: een mail aan Knack

 

Het spijt me, maar de vraagstelling bij uw poll over het onderwijs is bijzonder tendentieus. De  bezoekers van uw website (zie www.knack.be) wordt de valse keuze gelaten tussen een school 'die vaardigheden bijbrengt voor het latere leven' en een school 'die de hoofden volpropt met kennis'. Dit volproppen van hoofden klinkt als een vorm van kindermishandeling: kan u het nog partijdiger formuleren?

Een school moet beide doen: vaardigheden bijbrengen en voorbereiden op het volwassen leven, en kennis doorgeven. De kennis is de basisvoorwaarde om tot deze vaardigheden te komen.

Denk aan uw eigen beroep: als ik uw hoofdredacteur bezig hoor op Kanaal Z dan word ik telkens getroffen door zijn dossierkennis. Hij kan tot zijn gasten toch niet zeggen: wacht een momentje, dat ga ik even opzoeken op het internet?

Dit geldt voor elk beroep: als hier een hersteller van chauffageketels binnenkomt, wens ik dat hij onmiddellijk een diagnose kan stellen zonder een handleiding te moeten raadplegen.

In plaats van voortdurend denigrerend te doen over het kennisgericht onderwijs, zouden we beter deze slogan uithangen in alle schoolklassen: KENNIS IS FUN.

Het is plezant om iets te weten of om bij iemand te rade te gaan die meer weet dan jij. Kennisspelletjes op tv, hoe irrelevant die kennis ook mag zijn, scoren bijzonder goed.

Bovendien, wat het talenonderwijs betreft: je komt onmogelijkheid tot taalvaardigheid, tot behoorlijk spreken en schrijven en tot begrijpend lezen zonder kennis van woordenschat, referenties en zinsbouw. Doe eens onderzoek onder uw eigen lezers. Ten eerste: wie koopt Knack; en ten tweede: hoeveel begrijpen die klanten ervan?

En altijd zal het te maken hebben met kennis of een gebrek daaraan.

 

de haan 18 nov. 09


Delen
18-11-2009, 14:15:26 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

sadisten bij de politie

Abu Ghraib in Vorst

 

Tijdens een cipierstaking heeft een aantal politieagenten uit de zone Brussel-Zuid zich in de gevangenis van Vorst gedragen als een bende sadisten. Het doet je weer twijfelen aan de mens en aan de kracht van zijn beschaving. Of het nu gaat om Oost-Congo, de oorlog in Bosnië of Vorst, steeds stel je hetzelfde vast: wanneer mensen over macht beschikken en opereren in  een situatie waarin de (illusie van) straffeloosheid heerst, dan blijft er van de menselijkheid niet veel over.

Ten tweede kan men zich vragen stellen bij de recrutering en opleiding van onze politieagenten en cipiers. Uit eigen ervaring met mijn (oud-)leerlingen weet ik dat het niet de meest begaafde zijn die solliciteren voor deze beroepen. Niettemin is het geen zaak van intelligentie: het gaat in wezen om een moreel besef en om algemeen menselijke kwaliteiten.

De beroepen van cipier en politieagent zouden volgens mij financieel aantrekkelijker moeten worden gemaakt zodat het gemotiveerde en verantwoordelijke kandidaten zijn die zich komen aanbieden.

Voor de gedetineerden zijn  de bewakers de vertegenwoordigers van de samenleving. Vaak is het vertrouwen in de mens of in de maatschappij reeds geschonden door allerlei jeugdervaringen. Het is daarom essentieel dat gevangenen menselijkheid mogen ervaren tijdens hun strafuitvoering. Wie de gevangenis verbitterd en vol wraakgevoelens verlaat, zal gemakkelijker recidiveren.

Het is puur volksbedrog om te investeren in nieuwe gebouwen als men niet eerst werk maakt van een betere recrutering en opleiding.

En wat onze politieagenten betreft: zij beschikken over allerlei privileges, ze mogen een wapen dragen, ze mogen mensen bekeuren of arresteren. Deze macht is angstaanjagend als we ermee rekening moeten  houden dat de geüniformeerde een sadist kan zijn, een mentaal gestoorde of een individu zonder scrupules.

Vroeger werd de rijkswacht een elitekorps genoemd wat niet altijd bleek uit hun gedrag, maar de notie ‘elitekorps’ is wel het bewaren waard als men onder ‘elite’ verstaat dat onze politie zou moeten bestaan uit mensen met bijzondere kwaliteiten inzake psychologisch inzicht en moreel besef. De criminele incidenten in Vorst hebben bewezen dat we daar nog lang niet aan toe zijn.

 de haan 18 nov. 09


Delen
18-11-2009, 08:07:16 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

17-11-2009

burgerlijke ongehoorzaamheid

burgerlijke ongehoorzaamheid en de revolterende mens

 

In verband met de whereabouts heb ik reeds opgemerkt dat wetsveranderingen altijd beginnen met een fase van wetsovertredingen. Er zijn de voorbeelden van de eerste socialisten en feministen die vaak door de rijkswacht, marechaussee of politie in elkaar werden geslagen en in de gevangenis belandden. En  er is het pionierswerk van de Waalse dokter Peers die werd opgesloten omdat hij abortussen uitvoerde.

In het magistrale ‘De eeuw van mijn vader’ van Geert Mak lees ik nu dat er in de jaren 1920-30 op Java een zekere Domela Nieuwenhuis actief was – een achterneef van de beroemde anarchist en communist – die als leraar en journalist ijverde voor een onafhankelijk Indonesië.

Een van zijn leerlingen  was de latere eerste president Soekarno. Ook deze voorloper is meer dan eens achter de tralies gekomen tot hij zich beperkte tot journalistiek werk en de politiek voor bekeken hield.

Wat we hieruit kunnen leren is dat burgerlijke ongehoorzaamheid een deugd en een noodzaak kan zijn. Ik pleit niet voor een radicaal anarchisme dat wel eens neerkomt op een vermomming van egocentrisme, maar zoals eerder gezegd heb ik een hartgrondige hekel aan de houding van ‘de wet is de wet’. Boven alle wetten staat het eigen geweten en dit plaatst ons voor een lastig filosofisch vraagstuk. Kan men immers niet ook van ordinaire wetsovertreders zeggen dat ze hun eigen geweten of gebrek daaraan volgen? Wie zichzelf zoals Raskolnikov van Dostojefski het recht toekent om in zijn ogen minderwaardige medemensen te vermoorden die volgt de stem van een misvormd geweten.

Het breekpunt is dus de gewetensvorming en we kunnen een grondwet beschouwen als de gewetensvorming van een heel volk, zoals die collectieve gewetensvorming ook gestalte heeft gekregen in de Universele Verklaring van de Mensenrechten. Wanneer is de stem van het geweten moreel aanvaardbaar: dat is de hamvraag.

Soms moet je dat geval per geval beoordelen, doch meestal zijn er wel leidende regels die voortkomen uit de overlevering van onze beschaving. Volgens graaf en verlicht denker en geniaal schrijver Leo Tolstoi was de boodschap van Christus samen te vatten in die ene dubbelregel: ‘Doe nooit aan een ander wat ge niet wilt dat u wordt gedaan, en doe aan een ander wat ge wilt dat u wordt gedaan.’ In het Vlaams bestaat het rijmpje: ‘Wat ge niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.’

Ik meen dat met deze stelregel al zeer veel morele dilemma’s kunnen worden opgelost.

Daarnaast is er  een Duits gezegde waarvan ik de auteur ben vergeten: ‘Von zwei Ueblen soll man das kleinere wählen.’ Al je voor twee mogelijkheden staat en beide zijn in wezen slecht, dan kies je voor het kleinste kwaad. Dit heb ik voor het eerst gehoord uit de mond van Etienne Vermeersch tijdens een teach-in over de legalisering van abortus begin de jaren 1970.

Burgerlijke ongehoorzaamheid is voor mij niet enkel de bereidheid om desnoods wetten te overtreden maar ook om taboes te slopen of minstens bespreekbaar te maken, zoals seksuele intimiteiten tussen volwassenen en minderjarigen, misschien het hardnekkigste taboe van deze post-Dutrouxtijd.

B. o. is kleuren buiten de lijntjes omdat men ervan overtuigd is dat deze lijntjes in werkelijkheid wurgkoorden zijn: ze doen snakken naar adem en maken het leven nodeloos pijnlijk of ingewikkeld. In plaats van de vanouds geprezen deugd van gehoorzaamheid moeten we kinderen opvoeden tot een evenwichtig oordeel en eventueel instemming na bezinning en rationeel overleg. De revolte is geen doel op zich, maar de revolterende mens is zeer dikwijls een mens met een uiterst gevoelig geweten, begaan met zijn medemens en met de aarde als zijn natuurlijke biotoop.

Ik beveel de lectuur aan van ‘L’homme révolté’ van Albert Camus: geen pageturner maar het loont de moeite. Het is ruim 30 jaar geleden dat ik dit essay heb gelezen – nog ontleend in de ouderwetse stadsbibliotheek van Gent bij het vervallen atheneum waar Karel van de Woestijne  ooit naar school is geweest – en ik onthield alleszins deze frase:

‘de opstandige mens wordt gedreven door een “désir d’absolu’. Hij hunkert naar het absolute: de perfecte realisatie van waarden zoals naastenliefde en solidariteit, waarheidsliefde en rechtvaardigheid.

Hier schuilt een gevaar in: het utopische denken leidt wel vaker tot de installatie van een dictatuur of maakt het eigen leven tot een dictatuur. Het absolute houdt een streven naar zuiverheid in  dat wel eens angstaanjagend kan overkomen: ik vermoed dat heel wat fundamentalisten hierdoor gekenmerkt worden.

Redelijkheid vooronderstelt dat men vrede kan nemen met het onvolmaakte: deze wereld is niet volmaakt, zal het nooit zijn en jij of ik evenmin.

Maar ‘Plus est en vous’ staat er op alle timpanen en moerbalken van het Brugse Gruuthuse: dit geldt voor de enkeling en voor de samenleving in haar geheel.

De burgerlijk ongehoorzame en de gerevolteerde zijn hiervan doordrongen: zij beseffen dat het meer en beter kan. En daar ijveren ze voor desnoods door de bestaande wet te overtreden in de hoop te komen tot een wetgeving die nauwer aansluit bij de idealen die vervat zijn in het begrip ‘désir d’absolu’.

de haan 16 nov. 09


Delen
17-11-2009, 07:50:00 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

16-11-2009

de toekomst van de vrt

de toekomst van de VRT

 

In De Standaard van maandag 16 november staat een interview met Mark Coenen, algemeen directeur strategie van de VRT.

De man zegt behartigenswaardige dingen: ‘De VRT moet een nieuwe positie verwerven als uitdrager van door iedereen gedeelde waarden en kwaliteit, en als behoeder van het democratisch vermogen van een maatschappij (...)’

Ik zal maar meteen bekennen dat ik bevooroordeeld ben: ik sta uiterst wantrouwig tegen het dictaat van de liberalisering, mijn voorkeur gaat duidelijk uit naar de publieke onderneming, zeker in een sector waar concurrentie merkbaar leidt tot kwaliteitsverlies.

Maar koken kost geld en de vraag is dan ook hoe de openbare omroep zijn kerntaken kan vervullen zonder in het rood te gaan.

De VRT dient er mijns inziens naar te streven om in alles de beste te zijn, ook in sport en ontspanning. Maar de beste zijn betekent niet dat men het meest en alles aanbiedt: de kwaliteit moet primeren op de kwantiteit. Concreet voorbeeld: het lijkt me onaanvaardbaar dat de openbare omroep gaat meedingen naar de uitzendrechten van grote sportmanifestaties zoals de Champions League, de wereldbeker voetbal en de Olympische Spelen. Hiervoor worden waanzinnige bedragen gevraagd en daarom kan men dit beter overlaten aan de commerciële zenders ofwel kan men ermee samenwerken en het aanbod en de kosten verdelen. De VRT kan zich toespitsen op de sporten die minder kosten en waarin men een expertise heeft opgebouwd zoals het wielrennen op de weg en in het veld.

Daarnaast zijn er genoeg mogelijkheden om degelijke programma’s te maken die niet al te duur zijn of zelfs spotgoedkoop: dat bewijst de reeks ‘Mijnheer Doktoor’.

Dat cultuurprogramma’s ‘achter de rode knop’ worden aangeboden is slechts een tijdelijk bezwaar: de noodzakelijke apparatuur zal door steeds meer klanten worden aangeschaft waardoor de prijs zal dalen.

In wezen staat een openbare omroep voor het zelfde dilemma als de kunstenaar: moet ik mikken op een zo ruim mogelijk publiek en toegevingen doen  inzake smaak en  verteerbaarheid; of blijf ik een niveau handhaven in de hoop het publiek tot een grotere inspanning te verleiden?

Het antwoord is naar mijn mening diversiteit: men kan zowel het ene als het andere doen, eventueel op verschillende netten. In elk geval moet een openbare omroep een toevluchtsoord blijven voor wie hunkert naar kwaliteit, voor al wie zich ergert aan de commerciële verloedering en verdwazing.

Ik maak graag de vergelijking met het onderwijs: een leerkracht kan een klas omhoog stuwen door eisen te stellen, maar hij of zij kan een klas net zo goed omlaag duwen door voortdurend de populaire kwast te willen uithangen. En alweer is het dilemma niet onoverkomelijk: men kan populair zijn en toch een hoog niveau nastreven – ik ben blij dat ik als oud-leraar mag spreken uit ervaring.

Vandaag zien we wat er op de commerciële omroepen ontbreekt en wat er te veel is. Enerzijds zal men  bij de succesrijkste zenders vergeefs op zoek gaan naar politieke duiding wat een ernstig democratisch deficit inhoudt: een deel van onze bevolking wordt politiek dom gehouden. En anderzijds  is er een overvloed aan reclameboodschappen die de concentratie verstoren en de smaak aantasten. Op de duur krijg je een publiek dat zich geen half uur meer op het zelfde onderwerp kan concentreren. Pedagogisch gezien is dit een ramp: het draagt bij tot de verkleutering.

De overheid moet weten wat ze wil: alles overlaten aan de markt of de markt corrigeren en complementeren. Wat niet door de commercie wordt gedaan, moet de openbare omroep op zich nemen, althans als het gaat om zaken die essentieel worden bevonden zoals het bevorderen van de betrokkenheid van de bevolking bij het politieke beleid, een voorwaarde om te kunnen spreken van een gezonde democratie. Uit de keuze die de overheid maakt, volgen de noodzakelijke investeringen: men kan geen eisen stellen als men niet de nodige middelen voorziet.

Ik betaal graag een centje meer voor een betere openbare omroep: wie kwaliteit wil op restaurant zal ook moeten betalen. Maar dan wens ik ook bediend te worden als liefhebber van het schone en het verstandige, en met ontspanning die getuigt van vakmanschap.

Ik zie het niet zo somber in: als de overheid en het bestuur van de VRT het echt willen, kan onze openbare omroep een leefbaar marktaandeel veroveren of behouden. En  met ‘leefbaar’ bedoel ik dan dat men relevant blijft: aan een zender voor de ‘happy few’ hebben we weinig indien men de doelstelling wil bereiken en een bijdrage leveren aan de opvoeding van ons volk. Journalisten zullen steigeren wanneer ze dit lezen: ze weigeren doorgaans om als volksopvoeders te  worden beschouwd. Maar dit is mijn diepste overtuiging: mensen worden niet enkel door hun ouders of op school opgevoed, maar door de hele samenleving met inbegrip van de media.

de haan 16 nov. 09


Delen
16-11-2009, 10:55:12 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

woorden zijn schadelijk

vrees het woord

 

schuw de woorden die schadelijk

zijn – en toch, je zoekt een taal

die in gezichten slaat, bewustelozen

wakker maakt en bloed

naar de wangen doet stijgen

 

vrees de schaamte, het kwaad

dat zich later ingraaft in organen,

zich bezig houdt met het buigen

van een ruggengraat

 

spreken is steeds vermijden,

recht op het doel af het doel

ontwijken – het moet om

een vermoeden gaan, raadsels

bestaan om naar te raden

 

schuw het woord dat naakter

voor je staat dan de schaamte

kan verdragen – en toch wil je

een taal die een licht doet dagen

zoals men vonken uit stenen slaat

 

het gaat bij spreken om wijzen,

wegen tekenen in het zand

en daarna overlaten aan regen,

aan verkeer van mens en dier

dat uit zal vegen

 

 


Delen
16-11-2009, 09:01:56 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

15-11-2009

geduld en mededogen

don’t push the river

 

beoefen het geduldig zijn,

je moet de stroom niet overhaasten:

hij volgt zijn loop volgens

de wijsheid van steen en water

 

leer opnieuw te zeilen, het wachten

op wind, het roeien in een veerboot

die pelgrims overbrengt

 

we willen daden: ijzer smeden

terwijl het gloeit, het vereffenen

van een rekening, het  opheffen

van verboden die de heren

over ons hebben ingesteld

 

ontleed de mens, ontleed jezelf

en wees ontsteld om wat je vindt:

de liefde voor geweld, de moeizame

weg naar mededogen

 

volg de stroom die vloeit

uit de oorsprong der tijden:

we zijn al eeuwen onderweg,

hebben eeuwen nog te gaan

 

je moet de stroom niet overhaasten,

hij heeft de wijsheid van rots en water,

het fraaie van vogels in het riet en winden

blazen hun vragend lied: loop mee,

stroom mee, we hopen ooit te vinden


Delen
15-11-2009, 12:23:52 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

Wilders is een fundamentalist

waarom Wilders en Dewinter fundamentalisten zijn

 

Volgens opiniepeilingen zou de PVV, de partij voor de vrijheid van Geert Wilders, bij de volgende verkiezingen de grootste van Nederland zijn. Wat doet denken aan de successen van ons VB enkele jaren terug toen Dewinter en co in sommige gemeenten tot 40% van de stemmen haalden.

We moeten het fenomeen Wilders dus ernstig nemen en er ernstig voor waarschuwen: net als Dewinter tast hij het denken aan, zaait hij vijandschap en ondermijnt hij de verdraagzame samenleving.

Wilders heeft onder meer voorgesteld om uit de koran die bladzijden weg te scheuren die hij fascistisch noemt. Naar zijn oordeel zou er dan van de koran slechts een dun boekje overblijven.

Zelf heb ik zowat een derde van de koran gelezen en ik vind daarin inderdaad afschuwelijke passages, maar ook tientallen oproepen om het goede te doen. Ik zal me beperken tot 1 voorbeeld, uit soera 60:

‘God bemint hen die rechtvaardig handelen.’ (vers 8)

Ook in de bijbel staan passages die voor ons totaal onaanvaardbaar zijn, zoals ‘oog om oog, tand om tand’ wat komt uit het boek Exodus: men zou het hele hoofdstuk waar deze oproep in staat moeten lezen en zien dat daarin de meest verschrikkelijke straffen worden aanbevolen en de slavernij wordt goedgekeurd.

Zelfs in het Nieuwe Testament staan verzen die voor de moderne mens moeilijk liggen.

Zo schrijft Paulus in een van zijn brieven dat binnen het gezin de vrouw het lichaam is en de man het hoofd. En zoals het lichaam moet gehoorzamen aan het hoofd, zo moet de vrouw gehoorzamen aan haar man.

Meestal neemt men de eerste brief aan de Korintiërs als een voorbeeld   van de profetische en poëtische kracht van Paulus, de tekst begint met een lofzang op de liefde die vandaag wel eens op posters wordt afgedrukt en in allerlei kunstwerken (films bijvoorbeeld) wordt geciteerd. We lezen onder meer: ‘De liefde is verduldig, alles verdraagt zij, nooit klaagt zij.’

Het spijt me, maar dit is geen verheerlijking van de liefde maar van het stoïcisme, om niet te zeggen van het masochisme: wie liefheeft moet niet alles verdragen en heeft het recht om te klagen wanneer de klacht gegrond is.

Wat wij aan fundamentalisten of integristen verafschuwen is dat zij hun heilige boeken letterlijk nemen: ze moeten ongewijzigd worden toegepast op eigentijdse situaties.

Wie oproept om deze boeken te vernietigen of te verminken doet precies hetzelfde en is daarom net zo goed een fundamentalist. Wat de moderne mens dient te doen is deze boeken zien in hun tijd van ontstaan, met hun specifieke sociaaleconomische en culturele achtergrond. Ze zijn het werk van literair begaafde mensen, en niet letterlijk het woord van god. Fanatisme heeft twee gezichten: het instemmende dat de boodschap desnoods met geweld wenst te verdedigen, en het ontkennende dat de boodschap desnoods met geweld wenst te verwijderen. Heilige boeken zijn in de eerste plaats boeken die  vragen om een moderne exegese: ze moeten worden vertaald naar onze eigen tijd en noch klakkeloos worden toegepast, noch resoluut kapot gemaakt.

Wilders en Dewinter spreken de buikgevoelens aan en het is niet vanuit onze buik dat we nadenken. Waar deze twee demagogen  de opvattingen en gedragingen van de bevolking beïnvloeden ontstaat een ruwe samenleving en verruwing brengt ons geen stap vooruit.

de haan 15 nov. 09


Delen
15-11-2009, 09:15:33 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

14-11-2009

meer over Robert Fisk en het integratiedebat

Robert Fisk over Afghanistan en het Midden-Oosten – en nog meer over integratie

 

De Standaard en De Morgen hebben staan aanschuiven want allebei publiceren ze in hun weekeindeditie van 14 november een interview met ‘oorlogscorrespondent’ Robert Fisk.

Ik zet  dit woord tussen aanhalingstekens omdat Fisk zich liever een misdaadverslaggever noemt en daarin heeft hij gelijk: de oorlogen waarover hij bericht zijn misdaden tegen de menselijkheid.

Fisk is ervan overtuigd dat we naar de betrokken landen geen soldaten moeten sturen maar leerkrachten, ingenieurs en al wie kan bijdragen aan ontwikkeling. Alweer kan ik niet anders dan hem gelijk geven.

Je kan deze redenering ook toepassen op onze binnenlandse moeilijkheden met integratie: breng in de eerste plaats de ontwikkeling op gang in de probleemwijken en de incidenten zullen verminderen. En intussen mag je niet nalaten te sanctioneren waar nodig.

Ik ben begonnen in ‘Dagboek van een schrijver’ van de geniale Fjodor Dostojefski. In 1873 heeft hij het over de rage binnen het Russische gerecht om beklaagden vrij te pleiten door te verwijzen naar hun milieu. Dit leidt ertoe, voorspelt hij, dat niet de misdadiger schuldig is maar het milieu waaruit hij vandaan komt. En in dat geval zijn we allemaal medeschuldig want we maken deel uit van dat milieu.

Tegenover deze gang van zaken stelt Dostojefski het inzicht dat de menselijke vrijheid verantwoordelijkheid impliceert: iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen daden.

Naar mijn mening is dit een zoveelste en-en-verhaal en niet een of-of-verhaal. Beide zijn waar: de achtergrond kan veel verklaren maar ontslaat de misdadiger niet van zijn schuld.

Bij de integratiediscussie gaat het  vaak om het wangedrag van een minderheid uit een veel grotere groep: we mogen uit de minderheid geen conclusies trekken over de meerderheid. En dan is er de vraag waarom die zwijgende meerderheid inderdaad zwijgt: waarom zeggen ze niet duidelijker dat ze het wangedrag afkeuren?

Om te beginnen gebeurt dit al: er zijn allochtone straathoekwerkers en er zijn in Brussel bijvoorbeeld de Congolese ‘mama’s’ die de straat op gaan om  brutale jongeren aan te spreken op hun gedrag. Bovendien is het jammer genoeg een wezenskenmerk van een meerderheid dat ze doorgaans inderdaad zich stil houdt. In de USA worden misdrijven gepleegd door latino’s en daar komen evenmin massa’s brave latino’s op straat om zich af te zetten tegen de vlegels.

Het integratievraagstuk is vermoeiend, maar ik word er niet echt moedeloos van (zolang het debat maar ernstig wordt gevoerd): als leraar in het technisch onderwijs heb ik iets geleerd dat geduld wordt genoemd. Onze nieuwe Belgen en Nederlanders zijn vaak afkomstig van achterlijke streken en moeten in een of twee generaties de sprong maken naar de moderniteit, een emancipatie waar wij zelf 100 jaar over gedaan hebben. En ook onder ons waren er steeds criminelen en herrieschoppers, dat moet je maar laten vertellen door bejaarde familieleden. Toen mijn vader jong was werd er bij kermissen in de omliggende dorpen gevochten met messen, de inzet waren de eigen dorpsmeisjes die men uit de handen wou houden van de snaken uit het ‘vreemde’ dorp.

Niets menselijks is ons vreemd: ons volk is niet moreel superieur aan andere volkeren, dat bewijst onze geschiedenis.

Ik ben een pedagoog en blijf geloven in de kracht van de opvoeding, al voeg ik  daar onmiddellijk aan toe dat Marx gelijk heeft met zijn stelling dat eerst of tegelijkertijd de sociaaleconomische achterstelling dient te worden opgelost. Ook onze autochtone kansarmen komen vaker tot opvallend ongewenst gedrag dan onze welgestelden – ik schrijf met opzet ‘opvallend’ omdat witteboordencriminaliteit en fraude natuurlijk minder opvallen dan straatcriminaliteit.

Als voorlopig slot: Paul Scheffer heeft over dit onderwerp een boek van ongeveer 600 pagina’s geschreven en als je het uit hebt, zit je nog altijd met het gevoel dat het er minstens 600 meer hadden mogen zijn. Je kan dus onmogelijk in enkele zinnen zo’n veelzijdig en complex probleem bevredigend afhandelen.

de haan 14 nov. 09


Delen
14-11-2009, 18:49:56 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

over schelden in het migratiedebat

over schelden in het migratiedebat

 

Ik ben blij dat ik het nog eens hartgrondig eens kan zijn met Yves Desmet (in De Morgen van zaterdag 14 november): in het integratiedebat wordt de laatste tijd meer gescholden dan geargumenteerd. De agressie heeft ook de (nep-)intellectuelen aangetast.

Naar mijn inzicht kan je de commentatoren indelen in twee groepen: zij die willen meewerken aan een oplossing en daarbij soms totaal tegengestelde standpunten kunnen innemen. En zij die vooral gedreven worden door het eigen grote gelijk en alleen zichzelf willen manifesteren.

Tot de eerste groep behoren mensen zoals Tom Naegels en Lucas Vandertaelen, tot de tweede de hysterische domineeszoon Benno Barnard die ik weiger nog ernstig te nemen.

De moeilijkheden met moslimjongeren – die meestal beperkt blijven tot de jonge macho’s, de meisjes gedragen zich doorgaans voorbeeldig – doen me steeds denken aan mijn eigen jeugd als zoon van een fabrieksarbeider in een proletarische buurt. Afgezien van 1 uitzondering, een paracommando die wel eens baldadigheden uithaalde, zijn alle kinderen van de buurt goed terecht gekomen, enkele zelfs met een universitair diploma - wat zoals Erwin Mortier getuigde in een andere context in de eerste plaats te danken was aan het systeem van studiebeurzen.

Maar er was meer: mijn vader die een spinner was, zowat het slechtst betaalde beroep in de jaren 1960, was immer present bij de oudercontacten op school. Hij vlooide mijn agenda uit en bestudeerde mijn rapporten. En zijn autoriteit was onaantastbaar.

Naar mijn mening begint het wangedrag van moslimjongeren hiermee: de autoriteit van hun vaders is in vele gevallen nul omdat ze langdurig werkloos zijn en hun prestige hebben verloren. De moeders kennen onze taal niet zodat ze de schoolresultaten niet kunnen opvolgen.

En de ruimte thuis is niet stimulerend: de woningen zijn te krap of in slechte staat, de tv staat een hele dag op zenders uit het land van herkomst die voor de jongeren oervervelend zijn zodat zij de straat op vluchten waar dan weer te weinig infrastructuur is om zich op een gezonde manier te ontspannen. Bovendien lopen daar de rolmodellen rond die getuigen van het succes van een criminele carrière.

De oplossing is daarom veelzijdig. Men zal de ouders moeten bijstaan en responsabiliseren.

Men zal in de steden en achterstandswijken strijd moeten leveren tegen de verkrotting en verwaarlozing van de infrastructuur. En men zal inderdaad korter op de bal moeten spelen en jongeren sanctioneren die al op jonge leeftijd over de schreef gaan.

Wat de koran en  het godsdienstig fanatisme betreft, vind ik dat we tegelijkertijd op onze strepen moeten staan en onze fundamentele waarden moeten verdedigen, en daarnaast geduld moeten oefenen. De quasi absolutistische macht van de kerk van Rome is ook niet van de ene dag op de andere verdwenen: emancipatie vraagt tijd en middelen, er is zowel een intellectueel aspect aan als een louter materialistisch waarmee ik bedoel dat meer welstand doorgaans leidt tot minder fanatisme. En de intellectuele emancipatie moet vooral op school, op de werkvloer en in de media gebeuren waarbij men hindernissen als het hoofddoekenverbod als contraproductief terzijde dient te schuiven.

De kernvraag is of we bereid zijn de inwijkelingen te verwelkomen als mens, ongeacht de verschillen en wrijvingen. En het is waar dat die bereidheid wederzijds dient te zijn. Zoals Paul Scheffer beklemtoont moet de inwijkeling of medeburger van allochtone oorsprong zich betrokken voelen bij zijn (nieuwe) samenleving. Betrokkenheid is een straat met twee richtingen, we worden pas goede buren als we op zijn minst met elkaar praten en niet enkel over elkaar.

de haan 14 nov. 09


Delen
14-11-2009, 11:47:20 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

13-11-2009

Joke Schouwvliegje

het letterenbeleid in Vlaanderen

 

In De Morgen van vandaag staat een lang opstel van AKO-prijswinnaar Erwin Mortier over het falende letterenbeleid in Vlaanderen. Ik kan Mortier begrijpen: hij wint dan eens een hoog bedrag en mag de helft daarvan afstaan aan de fiscus terwijl al de jaren dat hij zit te werken de overheid hem niet wenst te kennen.

Mortier merkt bij herhaling op dat hij met graagte belastingen betaalt – en dat doe ik ook: wij hebben allebei ondervonden wat de zegeningen zijn van onze verzorgingsstaat, onder meer het systeem van studiebeurzen. Het is echter zo dat kunstenaars opeens met een hoge aangifte zitten wanneer ze eens een werk verkopen of een aanzienlijke prijs winnen, maar al de jaren dat dit niet gebeurt moeten zij ook leven.

En dan moeten ze zwaar gaan aanleunen bij een partner, als ze het geluk hebben een partner met een eigen inkomen te hebben.

Men kan argumenteren dat een systeem van subsidies de kunstenaar gemakzuchtig kan maken: dit risico bestaat, maar anderzijds heeft een creatieve mens die relevant werk maakt, het recht om behoorlijk te leven. Ook als hij/ niet of weinig verkoopt: de marktwaarde zegt niets over de artistieke waarde.

Het komt erop neer dat subsidies en andere overheidssteun dient  om de commerciële markt aan te vullen en te corrigeren. Wat wel een plaats krijgt op deze markt, daar hoeft de overheid zich niet meer om te bekommeren, tenzij dan door een billijk takssysteem.

Zelf sta ik buiten deze discussie: van mij zijn slechts twee bundels ooit aangekocht door het departement cultuur voor tweemaal 10 000 BEF. Niet echt een som waar je veel mee kunt aanvangen als je bedenkt dat de productie van die bundels ongeveer 30 000 BEF heeft gekost.

Het moeilijkste punt in deze discussie blijft de selectie: welke werken dienen in aanmerking te komen voor steun en wie gaat dat bepalen?

Mijn twee aangekochte bundels waren uitgegeven in de reeks van Yang en daarom werden ze automatisch erkend. De volgende die bij de kleine uitgeverij Debeer uit Torhout werd gepubliceerd, werd geweigerd hoewel meer dan 15 gedichten vooraf in tijdschriften waren verschenen en een ander gelauwerd werd met de prijs van de stad Halle. Ik vind deze verzameling nog altijd beter dan de twee voorafgaande. Over die aankoop werd indertijd beslist door een jury van drie man, met onder meer de toen overal aanwezige Marc Reynebeau die zelf geen gedicht kan schrijven maar denkt het slimste jongetje van Vlaanderen te zijn met een deskundig oordeel over alles waar zijn oog op valt.

Een tweede punt is natuurlijk dat ik als leraar deze aankoop of subsidies niet nodig had, en dat is alweer een ander probleem waar types als Erwin Mortier niet bij stilstaan: er zijn kunstenaars met een vast inkomen doordat ze een gewone job uitoefenen, maar daar moeten ze dan wel een prijs voor betalen in de vorm van psychische problemen, tijdgebrek en oververmoeidheid. Meestal worden zij minder hoog aangeslagen tenzij ze de allure krijgen van een Louis Paul Boon die altijd journalist is gebleven. Al mag je niet vergeten dat tijdens de oorlog Boon in leven werd gehouden door zijn vrouw Jeanneke.

De zaak is met andere woorden veel complexer dan wat Mortier schrijft. Twee vragen dringen zich op: heeft de kunstenaar een minimum aan bestaanszekerheid nodig, maakt deze bestaanszekerheid de kunstenaar niet lui? Ik geloof dit laatste niet want dan zou onze bevolking moeten bestaan uit luieriken want de meeste hebben een vast inkomen.

Aan de andere kant is het zo dat wat een kunstenaars het meest frustreert het gebrek aan erkenning is, wat kan leiden tot depressies en zelfdoding – denk aan de boeiende Daniel Robberechts die vandaag bijna niemand meer kent.

Het kunstenaarschap is in de eerste plaats een vak, een ambacht en daarom zou de kunstenaar als een bijzondere vakman moeten worden erkend – en met ‘bijzonder’ bedoel ik dat vakmanschap alleen niet volstaat, er komt dat unieke bij dat kunst hoger plaatst dan  de gewone stielkennis: een kunstwerk bezit een intensiteit, een innerlijke energie die een vaardig of kunstig gemaakte tafel niet bezit.

Wat we in de kunstenaar dus moeten erkennen is, naast zijn vakmanschap, dit uitzonderlijke vermogen om een werk op te bouwen  van een aangrijpende intensiteit waardoor we als kunstconsumenten zelf leren met meer aandacht te letten op de taal of de expressiemiddelen en  onze kijk te verdiepen op het leven en op de mens, zowel de medemens als onszelf.

Het kunstenbeleid is helaas vaak in handen van bureaucraten die met het creatieve proces weinig voeling hebben en als de grote baas – met name de minister – dan nog minder kaas heeft gegeten van de dossiers waarover zij/hij moet beslissen dan zit je met een immens probleem. Tot nog toe heeft Joke Schauvliege  alleen nog maar bewezen dat zij inderdaad een ‘schouwvliegje’ is, een leuk decorstuk op de rustieke schoorsteenmantel van de Vlaamse regering. Dit neemt niet weg dat zij een degelijke bestuurster kan worden indien zij zich laat omringen door bekwame mensen. Daarover zullen we meer weten binnen een jaar of twee, voor zover het lieve kind tegen dan al niet is afgevoerd overdekt met pek en veren.

de haan 13 nov. 09


Delen
13-11-2009, 10:22:57 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

12-11-2009

de helden van 14-18

de vader van Robert Fisk

 

In het algemeen ben ik een groot bewonderaar van het werk van Robert Fisk, maar wat hij zegt in zijn ‘Elfnovemberlezing’ (zie De Morgen van 12 november) stelt me teleur.

Willen we iets begrijpen van de slachtpartij van 1914-18 – voor zover het onvoorstelbare te begrijpen is – dan moeten we terug naar de jaren die eraan vooraf gingen. En dat doet Geert Mak in ‘De eeuw van mijn vader’ op een schitterende manier. Hij heeft het over een tijdperk van jeugdige overmoed, opgeklopt testosteron, stelselmatige overbewapening en opgefokt patriottisme.  Hij onderstreept dat de soldaten die in 1914 naar het front trokken in een jubelstemming waren alsof ze ‘naar een picknick gingen’. Kortom, de verdwazing regeerde.

De vraag is dan ook wat we hiermee kunnen aanvangen en wat we bijvoorbeeld moeten denken van de voortdurende verering voor de helden van de Eerste Wereldoorlog. De meest gretige bezoekers van de  oorlogskerkhoven in de Westhoek  zijn zonder twijfel de Britten. En tegelijk stellen we vast dat de Engelsen als eerste klaar staan om deel te nemen aan een oorlog, zelfs voor een paar totaal irrelevante rotseilandjes zoals ten tijde van de Falklands.

Ik ben zelf getuige geweest van een ‘studiebezoek’ van Engelse scholieren in de buurt van de Kemmelberg: de orgie van vernielzucht werd door de begeleidende leerkracht verteld als een spannend avontuur met de strategische en tactische vindingrijkheid van een voetbalwedstrijd.

Voed je zo jonge mensen op tot een afschuw voor de oorlog?

Naar mijn mening zitten we grondig fout  met onze heldenverering. De ware helden zijn al diegenen die tot het laatste moment zich ingespannen hebben om de slachtpartij te voorkomen. Ik heb het dan over  intellectuelen en kunstenaars zoals Frederik van Eeden, Sigmund Freud en Jean Jaurès. En ten tweede de soldaten van beide kanten die bij de eerste Kerstmis van de zogeheten ‘Groote Oorlog’ elkaar in de armen sloten en helemaal geen zin meer hadden om verder te vechten. Ze moesten door hun officieren afgedreigd worden om de wapens weer op te nemen.

Daarom zouden we twee dingen moeten doen. We zouden alle straatnaamborden die verwijzen naar de generaals en maarschalken van Wereldoorlog I moeten verwijderen en vervangen door de namen van antimilitaristen. De legeraanvoerders (en regeringsleiders) van 14-18 waren massamoordenaars en dat mogen we in alle duidelijkheid leren aan de jeugd.

Ten tweede zou er een monument mogen komen voor de Bekende Deserteur(s), liefst een deserteur van beide partijen. We zouden de mensen mogen eren die hebben geweigerd te participeren aan deze misdadige waanzin. Alleen zo kunnen we een attitude bevorderen die de bevolking bijbrengt dat oorlog of militaire interventie het uiterste middel is dat slechts zeer uitzonderlijk en om weloverwogen redenen mag worden aangewend. Het zou ons kunnen leiden tot een bezinning over  het voortbestaan van de Nato: heeft deze organisatie nog enige zin in een geglobaliseerde wereld waar de mensenrechten eventueel zouden moeten verdedigd worden door een interventiemacht  van de UNO, in naam van de mensheid en niet in naam van enkele machtige landen?

De soldatenkerkhoven in de Westhoek en in Noord-Frankrijk zijn om met Berthold Brecht te spreken veel te esthetisch: ze stimuleren eerder de romantiek dan het kritische denken.

Het is aan intellectuelen als Robert Fisk om de leugens te ontmaskeren en ons zo te behoeden voor een eindeloos vervolgverhaal van destructieve verstandsverbijstering.

de haan 12 nov. 09


Delen
12-11-2009, 11:21:48 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

rookverbod horeca

algemeen rookverbod horeca

 

De Senaatscommissie Sociale Zaken heeft ingestemd met een algemeen rookverbod in alle horecazaken vanaf januari 2012.  In afgescheiden ruimtes zoals tenten zou het wel nog mogen.

Ik vind deze maatregel halfslachtig en hypocriet. Indien men met medische bewijzen in de hand kan bewijzen dat niet enkel het roken maar ook het passief meeroken levensgevaarlijk is, dan dient men tabak te behandelen als iedere andere levensbedreigende drug. Haal tabak dan van de reguliere markt, net als crack, heroïne en andere verdovende of hallucinogene middelen.

In de logica van dit eerste punt zit de hypocrisie erin dat de overheid zich gedraagt als een drugdealer die volgens een recente schatting jaarlijks 2 miljard verdient aan de verkoop van tabakswaren. Daarmee wordt de roker behandeld zoals vroeger de prostituees: ze worden op alle mogelijke manieren gepest en de duvel aangedaan, maar ze moeten wel taksen betalen voor hun ongewenste gedrag.

De overheid zit duidelijk gewrongen tussen bekommernis om de volksgezondheid en financieel eigenbelang. Het zou de politici sieren mochten ze eindelijk eens een principiële keuze maken.

Ik zal het maar bekennen: ik ben sedert een tiental jaren betrokken partij geworden. Precies daardoor weet ik uit ervaring dat een rookverslaving zoals elke verslaving het tegendeel is van vrijheid: rookverslaafden doen soms de gekste dingen om aan hun drug te komen en bij derving van de nicotineprikkel voelen ze zich bijzonder onbehaaglijk. Het lijkt wel een beetje op een ‘cold turkey’.

Voor wie het niet heeft begrepen: een verslaving is het tegendeel van vrijheid. Men kan dus in naam van de vrijheid bezwaarlijk een verslaving verdedigen. En toch voel ik me ongemakkelijk bij de pestmaatregelen van de overheid, misschien is dat louter mijn rebelse natuur. Naar mijn mening staat de wetgever voor deze fundamentele keuze: ofwel de verkoop van tabakswaren integraal verbieden en daarmee de twijfelende verslaafden over de streep trekken, ofwel de verslaafden de kans gunnen om samen te komen in horecazaken waar de uitbater zelf ervoor kiest om het roken toe te staan. Dit is de liberalisering van de markt waar men in andere discussies zo dol op is. Elke oplossing daartussenin is niets anders dan van de roker een paria maken, een pestlijder die op alle mogelijke manieren mag gepest worden.

de haan 12 nov. 09


Delen
12-11-2009, 08:04:41 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

11-11-2009

in Flanders Fields

in Flanders Fields

- where poppies are blowing in the wind -

 

neen, dit was geen Groote Oorlog,

de doden lagen bedolven onder modder

en stront, hun longen barstten open, kelen

schroeiden dicht - en veilig

 

achter een tafel waar de kaarten

werden uitgespreid, namen generaals

de tijd voor een verse sigaar, zo vers

als regimenten en handig tegen

de stank van angst en typhus:

weer een heuvel heroverd,

een niemandsland waar niemand

was tenzij die honderdduizend doden

 

neen, speld geen klaproos aan

je kraag, speld geen leugens op

mijn mouw: dit feest, een festijn

van waanzin, was niet Great, deze

lijken hadden geen Grandeur,

de helden stonden tegen palen

wachtend op ‘a friendly fire’

 

de klaproos bloeit op afval-

hopen, bij grachten waar

de ratten paren – van gisting

moet ze spreken, van vlees

dat van de botten glijdt

en hersenen die ontbinden

 

speld geen kind een klaproos

op de mouw: hier past de schaamte

en een eindeloos berouw

 

11 november 2009


Delen
11-11-2009, 10:30:36 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

over muren en ijzeren gordijnen

over muren van schande en ijzeren gordijnen

 

Terzake van dinsdag 10 november heeft me alweer niet vrolijker gemaakt. Eerst was er het item over het gevonden dode jongetje Younes wat naar mijn mening pure emojournalistiek is en niet thuishoort in een sociaal-politiek duidingprogramma. Alleen de sensatiezucht wordt hierdoor bediend.

Vervolgens ging het over de inenting van onze topvoetballers. Aanvankelijk ga je mee in de argumentatie van de griepcommissaris, dokter van Ranst, tot je eraan denkt dat het hier ongeveer 3x25 jonge mensen betreft, dus 75 vaccins op meer dan 1 miljoen. Een beetje zin voor verhoudingen zou op zijn plaats zijn alvorens men schande roept.

Ten derde kwam het meest deprimerende onderwerp: een confrontatie tussen Jos Geyssels, net terug uit de Bezette Gebieden, en Hans Knoop, de vertegenwoordiger van de Joodse organisaties in België. De lichaamstaal zei al zeer veel: Geyssels zat vooral gebogen, het gezicht gegroefd; Knoop hing onderuit gezakt, zijn schedel glimmend van eigendunk.

Het meest treffend was de anekdote over de watervoorziening in Israël: in de Palestijnse dorpen op de Westoever is er een tekort, bij de villa’s en appartementsblokken van de Joodse nederzettingen  worden zwembaden gebouwd – op Palestijnse grond nota bene.

Dit contrast symboliseert het hele conflict: het gaat in essentie om onrecht en arrogantie.

En terloops dacht ik aan het ijzeren gordijn ten zuiden van de USA, op de grens met Mexico: eveneens een symbool van de verhoudingen tussen rijk en arm.

De ware muren zijn dubbel: economisch en materialistisch, en psychologisch en moreel. De eerste staan buiten de mens al zijn ze door mensen gebouwd, de tweede bevinden zich in de mens. En beide komen op hetzelfde neer: onverschilligheid, egocentrisme, hebzucht en superioriteitsdenken.

Ik ben hierover zeer pessimistisch, niet enkel vanwege de fenomenen op zich, maar vooral vanwege de gevolgen. Er is geen vrede in het Midden-Oosten denkbaar zonder een rechtvaardige oplossing voor het Palestijnse vraagstuk. En evenmin zal het probleem van de migratie ooit opgelost geraken zonder een rechtvaardige wereldeconomie die de mensen kansen gunt in hun eigen land.

Ik heb gisteren dan ook niet gejuicht bij de herdenking van de val van de Berlijnse muur: de ene muur is gevallen, het ene ijzeren gordijn is opgerold, maar er zijn er andere in de plaats gekomen die zo mogelijk nog erger zijn.

De mens is een tegenstrijdig wezen. Hij gebruikt zijn superieure intelligentie om levensmogelijkheden in de ruimte te gaan verkennen, maar het leven op zijn moederplaneet brengt hij in gevaar. Hij is een vuilak die eerst zijn vloeren vol schijt en dan op een ander gaat wonen. Terwijl de aarde over voldoende middelen beschikt om iedereen te geven wat ie nodig heeft. Zoals Gandhi zei: ‘There is enough for everybody’s need, but not for everybody’s greed’. (Er is voldoende voor ieders behoefte, niet voor ieders hebzucht.)

Deze Terzake stemde mij droef. Echt misselijk werd ik van de aankondiging van Koppen XL dat alweer een verheerlijking van de oorlog in Afghanistan was – er werd galmend gesproken over ‘ware helden’: welke idioten bij de VRT zijn hiervoor verantwoordelijk?

 de haan 11 nov. 09

 

 


Delen
11-11-2009, 07:18:33 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

10-11-2009

de wet is de wet?

lex dura, sed lex?

 

In de commentaren – zowel lezersbrieven als columns van beroepsjournalisten – bij de schorsing van Wickmayer en Malisse lees je herhaaldelijk varianten op het eeuwenoude gezegde: ‘lex dura, sed lex’.

Het gaat dan over ‘de wet is de wet’, ‘regels gelden voor iedereen’, ‘niemand staat boven de wet’ etc.

Dit is de legalistische houding en ik heb het daar met mijn sociaalanarchistisch temperament bijzonder moeilijk mee.

Ten eerste zijn deze commentatoren niet consequent. Als ze aan de kant van de wettelijkheid gaan staan dan moeten zij rekening houden met die wet waar alle andere van afgeleid zijn, met name de grondwet. En die garandeert twee dingen die in dit dossier van toepassing zijn: het recht op privacy en het gelijkheidsbeginsel dat het tegendeel is van een uitzonderingswet.

De whereabouts zijn een aanslag op deze grondwettelijk gewaarborgde privacy en ze schenden het gelijkheidsbeginsel omdat ze enkel gelden voor één beroepscategorie: de topsporters.

Ten tweede moeten we ons bezinnen over het wezen van een wet. Dit is niets anders dan een conventie die in de huidige tijden wordt opgesteld door een democratische meerderheid, vroeger door vorsten die al dan niet verlicht waren. Het Wada is in mijn ogen allesbehalve democratisch: de betrokken atleten hebben geen stemrecht, zij kunnen de mysterieuze dames en heren van dit controleorgaan niet kiezen. Het Wada ontleent zijn gezag aan de internationale sportbonden en organisaties zoals het IOC  waarbinnen wel gestemd wordt maar niet door de mensen van de basis, id est de beoefenaars van de sport. Bij een democratie stel ik me toch wat anders voor. De dopinglijsten en strafmaatregelen krijgen wel een juridisch verlengstuk, maar ze ontstaan niet in de parlementen.

Ten derde kunnen we kijken naar de geschiedenis van al de conventies die ooit wet geweest zijn. Bijna altijd stellen we vast dat deze conventies in een eerste fase werden overtreden – bijvoorbeeld door manifestaties, stakingen, protestacties of doelbewuste ‘misdrijven’, denk aan de abortusactivisten – en in een tweede fase gewijzigd werden onder druk van de basis of van alweer ‘verlichte’ leiders of volksvertegenwoordigers.

Het grote probleem met de dopingrepressie is dat atleten nauwelijks georganiseerd zijn en vanwege hun hyperindividualisme amper geïnteresseerd om zich te organiseren en op te komen voor meer democratie in hun beroep. Daardoor heerst de willekeur en ontbreekt de bereidheid om over regels en sancties een debat ten gronde te voeren. Dit debat zou openbaar moeten gehouden worden en handelen over de wetenschappelijke, juridische en morele aspecten van het fenomeen doping en dopingbestrijding. Als het binnen de autoritaire sportbonden niet kan, dan zou de politiek het initiatief moeten nemen. Tenslotte neemt men deel aan het sanctiebeleid, dus heeft men ook een verantwoordelijkheid in het tot stand komen van de regelgeving.

Ik pleit voor nuchterheid, weg van alle sensatiezucht of geldingsdrang. Definieer met een wetenschappelijke duidelijkheid wat je wenst te bestrijden en formuleer gedragsregels en sancties die in alle opzichten redelijk en aanvaardbaar zijn. En het kan nooit kwaad om jezelf eens te verplaatsen in de positie van de betrokkenen: de kans is dan groter dat jouw beslissingen getuigen van menselijkheid.

de haan 10 nov. 09

 


Delen
10-11-2009, 13:06:59 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

09-11-2009

20 jaar na de Berlijnse muur

Ostalgie

 

Nogal wat gewezen Oost-Duitsers spreken 20 jaar na het vallen van de Berlijnse muur hun heimwee uit naar de DDR. Meestal hoor je dan het argument van de volledige tewerkstelling en het wij-gevoel, desnoods ‘wij tegen de rest van de wereld’. En er is de vertedering voor de krakkemikkige Trabantjes waarvoor de gewone werkmens 15 jaar moest sparen.

Vergeten is bij velen de onvrijheid van het totalitaire systeem met zijn overal spionerende,  laffe en meedogenloze Stasi: Big Brother is wellicht nergens zo voelbaar geweest als in de DDR.

De fundamentele vraag is dan ook: willen de mensen wel vrijheid? Zowel in Polen als in Rusland zag je na de ineenstorting van het communisme het zelfde verschijnsel: een politieke dictatuur werd ingeruild voor de morele dictatuur van het katholicisme of van de orthodoxe kerk. Of men aanvaardde het gezag van een bende maffiosi.

En op een lager, minder relevant maar toch even duidelijk niveau zien we de reacties van figuren als Sven Nys en Nils Albert op de veroordeling van Wickmayer en Malisse: deze twee doodbrave Kempenzonen vinden de whereabouts ‘een goed systeem’. Een variant op het eeuwige adagio: ‘Als je maar doet wat jou gevraagd wordt, dan overkomt jou niets.’ Om het even wie het jou vraagt: Hitler, Stalin, de paus van Rome of een magisch instituut als het Wada.

I n de jaren 1960-70  kende de psycholoog-filosoof Erich Fromm een opmerkelijk succes met zijn boek ‘Angst voor de vrijheid’. Dit was een psychoanalytische uitwerking van een gedachte die Dostojevski  als eerste had aangeleverd in zijn meesterwerk ‘De gebroeders Karamazov’, meer bepaald in de scène met de Groot-Inquisiteur die een op aarde weergekeerde en gevangen genomen Jezus kwam verwijten dat hij zo onnozel was geweest om de mensen vrijheid te beloven. De mens is wel opstandig, zegt de  hoogbejaarde Groot-Inquisiteur, maar hij staat met plezier zijn vrijheid aan ons af want er is niets dat hij zozeer vreest als de verantwoordelijkheid.

Dit is naar mijn inzicht een van de redenen waarom vandaag zoveel mensen kampen met psychische problemen: het allesoverheersende gezag van de kerk is in deze Westerse wereld in elkaar geklapt, de politiek heeft evenmin  een morele autoriteit bewaard en ieder moet nu maar voor zichzelf zien uit te vinden wat goed is en wat kwaad. Dit is een lastige en vaak pijnlijke opgave waar je nooit klaar mee bent: wie zelf kiest, dient zich vrijwel dagelijks te verantwoorden en dat kan leiden tot een verpletterend gevoel van mislukking of onmacht.

Toch is er geen andere keuze voor wie eerlijk met zichzelf wil zijn en authentiek wil leven: het  humanistische zelfbeschikkingsrecht is tegelijk een verplichting om over zichzelf te beschikken. De ‘ostalgie’ die we dezer dagen waarnemen toont aan dat de meeste mensen die uitdaging moeilijk kunnen dragen: zelfstandig denken en met argumenten oordelen is bijzonder vermoeiend en soms word je er radeloos en depressief van. Heimwee is in dat geval een zoete verdoving, een roesmiddel dat de blik vertroebelt maar het hart lichter maakt.

Aanvulling:

En wanneer valt de muur tussen Palestijnen en Israëli???

de haan 9 nov. 09


Delen
09-11-2009, 19:53:21 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

Mia heeft het licht gezien

Mia Doornaert over taalverloedering
 
De tirade tegen de taalverloedering die Mia Doornaert in De Standaard van 9 november over ons uitstort, is meer dan terecht. Helaas gaat ze niet in op de oorzaken.
Er is om te beginnen het verschijnsel van de versnelde communicatievormen (sms'en, mailen) die leiden tot overhaast en dus slordig taalgebruik. Maar dit gebeurt in hoofdzaak in de privésfeer en daar heb je geen greep op: de schade blijft in die context beperkt tot communicatieve kortsluiting soms en tot een aanslag op de esthetische taalbeleving die verschilt van persoon tot persoon. Als het gaat om professionele correspondentie kunnen de gevolgen ernstiger zijn. De leuze 'time is money' doet ook de taalbeheersing geen deugd.
 
Erger zijn de ontwikkelingen in ons taalonderwijs waarvoor al jaren wordt gewaarschuwd. Door de eenzijdige nadruk op het comprehensieve ontstaat inderdaad zoals Doornaert zegt een attitude van 'ge begrijpt toch wat ik bedoel, mijnheer/mevrouw!'
Of zoals onze collega's Frans het uitdrukken: 'Il suffit que le message passe.' Hier gaat het niet om persoonlijke onachtzaamheid maar om een systematische verwaarlozing die zelfs wordt opgelegd door pedagogische begeleiders en officiële inspectie. Leerkrachten die nog geloven dat exactitude een streefdoel is en navenant de werken van hun leerlingen sanctioneren, worden terecht gewezen. Ze krijgen opmerkingen  naar het hoofd geslingerd als: 'een nul keert als een boemerang in uw eigen gezicht terug.' Dus moet je als taalleerkracht maar schipperen en toegeven: een tekst mag krioelen van de spel- en  spraakkunstfouten als de leerling maar kan aantonen dat hij weet waarover hij het heeft. Bovendien is het al jaren verboden om op een systematische manier aan spraakkunstonderwijs te doen, ook niet wanneer je vaststelt dat je leerlingen niet weten wat het verschil is tussen een vervoegd werkwoord en een deelwoord, of een bijvoeglijk naamwoord en een bijwoord.
Nogmaals: dit is de norm geworden en niet de uitzondering.
Mocht Mia Doornaert wat vaker  corresponderen met  jongere mensen of buiten haar eigen bevoorrechte milieu komen, dan  zou ze nog heviger tekeer gaan. En terecht. Maar we moeten dan wel de verantwoordelijken durven aan te wijzen. En dat zijn niet de technologische snufjes maar diegenen die er achteloos gebruik van maken. Omdat ze te weinig hebben geleerd dat je aan taal ook aandacht mag schenken.
 
 
 
 

Delen
09-11-2009, 15:36:14 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

zoals de ouden zongen

zoals de ouden zongen

 

er staat geschreven:

een mens die sterft is

een museum dat brandt

 

daarom: verdubbel

de archieven, vermenigvuldig

het woord wonderbaarlijk

als een vis, een brood

om heel een volk te voeden

 

laten we de ouden eren,

hun trage verhalen die

sijpelen als grondwater

door de vele lagen van vergeten

 

er is geen weten dat op een leeg

blad ontstaat: het inzicht

stapelt zich op zoals de kalk

van koralen en eilanden

groeien in een schone archipel

 

een mens op jaren is een appèl:

kom en beluister wat het leven

mij leerde, hoe klein we zijn,

hoe groot onze dromen

 

en daarna zijn we een museum

dat brandt tenzij een aandacht

ons bewaart, een teder omgeven:

de adem van kinderen wanneer

een  bedaarde vader vertelt


Delen
09-11-2009, 10:30:59 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

08-11-2009

Drek Jan Eppink in De Standaard

‘ontwikkelingshulp helpt niet’, dixit Drek Jan Eppink

 

Zou Drek Jan Eppink  (in mijn ogen een van de walgelijkste minimacho’s uit ons politieke landschap) echt bekommerd zijn om het welzijn van de mensen in de Derde Wereld of houdt hij zich enkel bezig met zijn eigen grote neoliberale gelijk?

Tot tweemaal toe zegt hij in De Standaard van vrijdag 6 november dat hij niet gelooft in ‘de maakbaarheid van de samenleving’ en ontwikkelingshulp noemt hij een ‘soort planeconomie op afstand’. Kortom, Eppink is allergisch voor alles wat zweemt naar de slogans van mei 68 en naar wat in zijn ogen communisme is.

Hij citeert met instemming de Afrikaanse econome Dambisa Moyo omdat die precies schrijft wat hij wil lezen: de hulp moet wijken voor meer ‘investeringen en handel’.

In wezen is  het juist dat er in de Derde Wereld meer moet worden geïnvesteerd en dat er meer handel moet worden gedreven. De vraag is echter: welke investeringen en welke handel?

Al sedert 1948 ongeveer ijvert Oxfam Wereldwinkels voor ‘Fair Trade’ en sedertdien hebben ook andere ngo’s dit concept overgenomen, denk aan het keurmerk ‘Max Havelaar’.

Geef de arbeiders en boeren in de ontwikkelingslanden een eerlijk loon voor eerlijke arbeid: dat moet de doelstelling zijn.

En er zijn nog andere strategieën zoals de microkredieten die het zelfstandig ondernemen in de arme landen kunnen stimuleren. Tegelijk  moet er een einde komen aan het dumpen van gesubsidieerde overschotten uit de rijke landen. En precies daarvoor is lobbywerk noodzakelijk – iets wat Eppink weigert te begrijpen: de beslissingen moeten worden genomen op het politieke niveau en daarom moeten de politici onder druk worden gezet door de ngo’s.

Uiteraard zijn er misbruiken: de projecten zouden meer gericht moeten zijn op duurzaamheid en zelfredzaamheid, en de organisatie en logistiek van de ngo’s kan zuiniger: iedereen kent de voorbeelden van ontwikkelingshelpers die graag paraderen met splinternieuwe SUV’s.

Maar in afwachting dat politieke hervormingen worden doorgevoerd en de wereldhandel zo wordt georganiseerd dat ook de arme landen kansen krijgen, blijft ontwikkelingshulp een bittere noodzaak. En er is één zekerheid: het is niet het neoliberalisme waar Eppink mee dweept, dat het lot van de Derde Wereld zal verbeteren. Neoliberalisme is de economische vertaling van het recht van de sterkste, het is politiek-economisch darwinisme.

de haan 6 nov. 09


Delen
08-11-2009, 12:32:34 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

mijnheer doktoor

mijnheer doktoor

 

Vaak heb ik kritiek uitgebracht op de VRT, dat had/heeft dan te maken met de sensatiezucht van het 19 uur-journaal, het soms zwakke filmaanbod en de ingesnoerde debatprogramma’s die de deelnemers nauwelijks de tijd gunnen om een redenering af te werken.

Maar als het goed is, wens ik het ook te zeggen.

 

Zo hebben we hier gisterenavond voor de derde (of vierde?) keer genoten van het vertelprogramma ‘Mijnheer Doktoor’. Enkele van deze bejaarde heren zijn echte ‘sit-downcomedians’ en filosofen tegelijk, met een scherp moreel bewustzijn. Hun anekdotes evoceren een tijdperk dat nog niet zodanig ver achter ons ligt en toch zeer vreemd over komt.

En het is altijd goed te weten waar we zelf vandaan komen, zodat we wat milder kunnen oordelen over anderen die onze ontwikkeling nog moeten doormaken. Waarbij we ons ook kunnen afvragen of deze ontwikkeling altijd winst heeft betekend dan wel of er niet een en ander van waarde is verloren gegaan.

 

Wat we uit deze reeks alleszins kunnen afleiden is dat  boeiende televisie maken niet duur hoeft te zijn: je haalt een aantal rasvertellers voor de camera en je laat ze uitspreken op hun eigen tempo. Mijn naamgenoot Maurice de Wilde heeft het jaren geleden voorgedaan met zijn reeksen over de collaboratie, weliswaar in zijn typerende doordrammende stijl: ik hield er wel van omdat je sommige getuigen nu eenmaal moet aanporren of ze blijven rond de pot draaien.

De VRT moet in deze crisistijden inleveren: wel, ze hebben het ideale middel voor handen.

Er zijn ongetwijfeld meer Vlamingen te vinden met een interessant verhaal en ze hoeven niet betaald te krijgen om  het publiek te laten delen in hun ervaringen.

 

Luisteren naar vertellers heeft iets archetypisch: wij mensen hebben dat altijd graag gedaan al sedert de vroegste tijden. In feite waren Homeros en de oeroude boeken van India als de Mahabharata niets anders dan wijze, fantasierijke oude mannen die verhaalden over vroegere tijden, waar gebeurd of gefingeerd. Kinderen hangen aan de lippen van een schoolmeester die kan vertellen, en we zijn in dit opzicht allemaal schoolkinderen gebleven: we willen een meester horen die ons meesterlijk kan meevoeren naar een andere tijd of andere plaats. Zo is de literatuur begonnen en dit begin kan zich nog elke dag herhalen. Tegen een spotprijs of gratis en voor niets.

de haan 8 nov. 09


Delen
08-11-2009, 07:59:43 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

07-11-2009

ach so: Befehl ist Befehl?

regeltjes – Yves Desmet in De Morgen van 7 november

 

Toen de regering Bush in het kader van de ‘war on terror’ een aanslag pleegde op de burgerrechten in de USA, sprak links Europa – dus ook De Morgen - schande van deze schending van de mensenrechten.

De onderliggende gedachte was dat je de democratie niet kan beschermen door de democratie uit te hollen.

Blijkbaar vinden sommigen dat doping een ergere bedreiging is voor onze samenleving want in de strijd tegen deze kwaal mogen de mensenrechten en de grondwettelijke beginselen wel  worden geschonden.

Ik doel dan op het recht op privacy en het gelijkheidsbeginsel: je kan geen uitzonderingsrecht toepassen op één beroepscategorie en Big Brother hoort thuis in een totalitair regime, niet in een rechtsstaat. Aan potentiële zwartwerkers, om maar één voorbeeld te geven, worden geen ‘whereabouts’ gevraagd. Evenmin als aan potentiële fiscale fraudeurs. En in beide gevallen gaat het om een fraude die een directe weerslag heeft op de mogelijkheden van het politieke beleid. Toch iets belangrijker dan gedopeerde sporters of niet soms?

Desmet schrijft: ‘ Topsporters kennen de regels, inclusief de prijs die er op overtredingen staat.’

Dit is de attitude van ‘the law is the law’ wat een burgerlijke vertaling is van het militaire ‘Befehl ist Befehl’.

Het is de taak van intellectuelen om regels en  sancties te evalueren en in een bredere context te plaatsen. De beschaving is er altijd op vooruit gegaan door in een eerste fase regels te overtreden en in een tweede fase deze regels via een democratisch beslissingsproces te vervangen door betere.

Het wordt dan ook dringend tijd dat het fenomeen dopingrepressie eens op een rationele, juridische, moraalfilosofische en wetenschappelijke manier wordt benaderd.

Een van de argumenten om de doping te bestrijden is dat men de gezondheid van de atleten wenst te beschermen. Kan men dit doen door hen psychisch te kraken?

Om een lang verhaal in te korten: wat is er toch met ons aan de hand dat wij aanvaarden dat een ‘dopingschandaal’ talloze bladzijden in onze ‘kwaliteitskrant’ in beslag neemt, terwijl de steniging van een man wegens overspel  een hoekje krijgt dat niemand opmerkt?

De verontwaardiging is geen onuitputtelijke energie, we zouden ze dan ook beter reserveren voor zaken die er echt toe doen, bijvoorbeeld zaken van leven of dood.

En daarnaast kan je enkel met droefheid vaststellen hoe pover de meeste mensen redeneren, vaak volgens primaire schema’s als ‘eigen schuld, dikke bult’ ofwel louter vanuit het buikgevoel. Nog een geluk dat zij geen rechters of wetgevers zijn, anders werd de doodstraf onmiddellijk weer uitgevoerd.

 de haan 7 nov. 09

 


Delen
07-11-2009, 14:37:04 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

de rechtvaardige rechter

oordeel niet

 

oordeel niet tenzij voorlopig

er is altijd meer dat je niet weet:

het veelzijdige van feiten

en niets heeft meer kanten

dan een mens

 

oordelen is jezelf de kans ontnemen

om verrast te worden door

een gelijke, een leven dat even

moeizaam als het jouwe

zich voortbeweegt langs vreemde

paden, over loopbruggen die zwieren

over kloven, door wouden waar

het licht zich zelden waagt

 

oordeel steeds voorlopig, laat

de andere een kans om aan te tonen

dat hij geen andere is, maar een gelijke:

een wezen met zoveel zijden

dat je nooit gedaan hebt

met ernaar te kijken

 

oordelen is de hoop opgeven

dat je een opening vindt, een doorgang

in een rotsige wand, een duisternis

die weerstaat aan het begrijpen

 

oordeel voorlopig zoals een reiziger

zijn plaats bepaalt en berekent

hoe ver hij nog heeft te gaan -

je mag de wereld om, de zeven

zeeën bevaren, maar geen reis

zal verder reiken dan  de lastige

zoektocht naar een mens,

de vreemdeling die jouw gelijke is:

een stem die spreekt in een duistere

gelijkenis en raadsels opgeeft bij een grens


Delen
07-11-2009, 06:36:05 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

06-11-2009

helaas, beautiful Yanina

whereabouts, een aanslag op het gezond verstand

 

Soms word ik er moedeloos van: je moet op dezelfde nagel blijven kloppen en blijkbaar dringt het niet door. Dus nogmaals: het systeem van de whereabouts is puur totalitarisme, het past in het fascisme of in een land als de vroegere DDR.

Doping is fraude met een geringe maatschappelijke relevantie. Rik van Steenbergen heeft eens verteld hoe hij zijn pilletjes nam – dat was dus in de jaren 1950 – en die bekentenis maakt van RIK I geen mindere kampioen. Je kan anders ook alle diploma’s ongeldig verklaren die zijn behaald met het slikken van pepmiddelen.

Maar de fraude die onze maatschappij het zwaarst aantast zijn de belastingontduiking en het zwartwerk. Kan men zich inbeelden dat alle categorieën die daarvan verdacht kunnen worden, zouden onderworpen worden aan een gelijkaardig controlesysteem?

Stel je zelf deze vraag: zou jij willen leven onder deze omstandigheden dat je maanden van tevoren aan de overheid moet meedelen waar jij je zal bevinden zodat je onverwacht kan gecontroleerd worden van 6 uur ’s morgens tot 22 uur ’s avonds?

Zijn topsporters dan de Joden van vandaag voor wie andere regels moeten gelden?

Er bestaat nog altijd zoiets als het recht op privacy en het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel: wat op de ene wordt toegepast, moet ook toegepast worden op de anderen.

Eerlijk gezegd: ik braak ervan dat zoveel verstandig geachte mensen met deze discriminatie akkoord gaan. 'Alas, poor Yorick,' zuchtte Hamlet. 'Alas, beautiful Yanina, this world is full of shit.'

6 nov. 09


Delen
06-11-2009, 17:31:38 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (2)
z z

exorcisme als dienaar van de Satan

écrasons l’infâme superstition – Voltaire

 

In Antwerpen Dam is een 18-jarig lesbisch moslimmeisje zwaar mishandeld door een zogeheten ‘duiveluitdrijver’. Dit fenomeen is niet exclusief islamitisch. In  het Canvasprogramma ‘Vranckx’ zagen we recent nog een reportage over duiveluitdrijvingen bij heel jonge kinderen in een Afrikaans land, als ik me niet vergis was het Nigeria: de kinderen werden mishandeld of uitgestoten, soms zelfs vermoord.

En in mijn eigen school werd ooit lesgegeven door een pater die aan exorcisme deed en de duivel zag in sexy meisjes die van hem letterlijk een kaakslag mochten verwachten.

In het algemeen is mijn uitgangspunt dat een ongelovige zich niet dient te bemoeien met de inhoud van een geloof – in de hoop dat gelovigen dit evenmin doen met de ongelovigheid.

Er is echter één  uitzondering, met name wanneer het geloof wordt aangegrepen om anderen te beschadigen. Dit is bij hardhandige duiveluitdrijving om twee redenen het geval.

Ten eerste is mensen -  en vooral kinderen - het geloof bijbrengen aan het bestaan van de Satan een vorm van psychische terreur die ondraaglijke angsten kan veroorzaken. En ten tweede is de hardhandigheid een onduldbare aantasting van de fysieke integriteit.

Er zijn grenzen aan de tolerantie. Zelfs  het icoon van de verdraagzaamheid, Voltaire, schreef: ‘écrasons l’infâme superstition.’ Laten we de verderfelijke bijgelovigheid verpletteren.

Ik zou het wat minder agressief aanpakken, althans in de middelen, niet in de doelstelling want die behoort het uitroeien van dergelijke misdadige dwaasheden te zijn.

Het middel bij uitstek is opvoeding, vorming en onderwijs om de onwetendheid te bestrijden.

Daarom moet ik tot vervelens toe herhalen: hou de moslims in ons onderwijs, met of zonder hoofddoek. Ze moeten in contact komen met het moderne denken en de school is daarvoor het meest geschikte milieu.

Tegelijk dient men de trawanten van het godsdienstige satanisme aan te pakken: de imams of priesters of sjamanen die hun volgelingen indoctrineren met angstbeelden en verdoemenis.

Daarom zou het een goeie zaak zijn mochten de bedienaren van de godsdiensten, ook de imams, verplicht worden om een opleiding in  ons land  te volgen, een opleiding die door de overheid kan worden gecontroleerd.

Sedert de psychoanalyse weten we dat de Satan een symbolische uitbeelding is van onbeheerste of onbeheersbare driften, van angsten en obsessies.

Satanisten of ‘gothics’ benaderen we als een bizar verschijnsel, er is dan ook geen reden om het geloof aan de duivel met meer consideratie te behandelen. En zoals gezegd: de grens wordt getrokken door de beschadiging, psychisch of fysiek, van de anderen. En zeker wanneer kinderen het slachtoffer zijn, kunnen we niet aarzelen om in te grijpen.

de haan 5 nov. 09


Delen
06-11-2009, 10:48:06 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

05-11-2009

Opeloos

Opeloos

 

De bazen hebben nog steeds een hoge hoed waaruit ze rare konijnen kunnen toveren. De Amerikaanse directie van GM heeft gisteren 4 november beslist om Opel Europa toch niet te verkopen aan Magna en zelf ecologischere wagens te gaan produceren. Wat dit voor de werknemers in Antwerpen en Duitsland gaat betekenen blijft voorlopig onduidelijk.

De voorbije 10 jaren was het zo dat je uit de mond van liberale politici en commentatoren bij herhaling kon horen: ‘vergeet toch die oubollige tegenstelling tussen links en rechts, die behoort tot een verleden tijd.’

Naar mijn mening  heeft die tegenstelling nooit opgehouden te bestaan en als je ze juist definieert zal ze wel nog lange tijd van kracht blijven. Links is voor mij al wie opkomt voor de belangen van de arbeid (met inbegrip van vervangingsinkomens) en rechts al wie de zaak van het kapitaal dient. De enige wijziging die zich in recente tijden heeft voorgedaan is het feit dat we willens nillens allemaal kleine aandeelhouders zijn geworden – via persoonlijke beleggingen of via pensioenfondsen, verzekeringen etc – zodat de tegenstelling wat diffuser is geworden, maar de kern blijft ongewijzigd: er zijn nog altijd bazen en knechten; en er  is nog altijd een baas boven de bazen. De politiek staat hier vaak machteloos tegenover: Duitsland en Vlaanderen hebben het uiterste gedaan om Opel in leven te houden en wat GM van plan is daar hebben de regeringen noch in Berlijn noch in Brussel veel aan te zeggen.

Ik probeer me in te leven in de situatie van de werknemers die al jaren worstelen met onzekerheid: ‘zal ik morgen nog werk hebben of niet, zal ik mijn leningen kunnen afbetalen of niet???’

Is het verwonderlijk dat zo veel mensen kampen met stressproblemen en depressies? Bestaansonzekerheid is daar een van de belangrijkste oorzaken van. Daarom vind ik de steeds herhaalde oproepen om tot meer ‘flexibiliteit’ te komen, bijzonder cynisch. Want wat betekent die flexibiliteit anders dan zich neerleggen bij de grillen van de arbeidsmarkt en van de werkgevers. Mensen hebben nood aan een minimum aan zekerheid en ze willen ernstig worden genomen en niet  behandeld als pingpongballetjes die heen en weer geslagen worden.

Opel Antwerpen is voor zover ik er nog iets van begrijp niet helemaal hopeloos en Opeloos, maar de  grens van het verdraaglijke is stilaan bereikt. Links in Europa mag zich opmaken om een front te vormen tegen de willekeur van de Amerikaanse bazen: afzonderlijke bedrijven vermogen niets, maar een Europees front van vakbonden en politici kan het cynisme van de Yankees tot andere inzichten brengen. Hoop ik.

de haan 5 nov. 09


Delen
05-11-2009, 16:57:23 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

een verhaal van een belastingweigeraar

in bijlage ook een archiefje vrederechter 2002 van weleer & een vredeswens : akte van hoop www.ggf.be
----- Original Message -----
From: Aktie Vredesbelasting To: Aktie Vredesbelasting (VRAK) Bericht Jan Hellebaut 
Met de steun van de Aktie Vredesbelasting www.vrak.be en Friends of the Earth, www.motherearth.org
Gisteren, 4 november 2009 werden voor het Brusselse Hof van Beroep de pleidooien gehouden in de zaak van Jan Hellebaut als defensiebelastingweigeraar / belastingbetaler voor vrede.
Er werd de rechter gevraagd een prejudiciële vraag voor te leggen aan het Grondwettelijk Hof vermits het hier gaat om een schending van het gelijkheidsbeginsel in samenhang met het internationaal verdragsrecht. Als gewetensbezwaarde bevindt Jan zich in een wezenlijk andere positie t.o.v. niet-gewetensbezwaarden die geen problemen hebben met hun belastingbijdrage voor het leger. Daar zij wel over een gelijke kam geschoren worden, is er dus sprake van discriminatie daar de wetgever geen alternatieve mogelijkheid voorziet voor de gewetensbezwaarde burgers. Bij de erkenning van het gewetensbezwaar tegen de fysieke militaire dienstplicht voorzag de Belgische staat wel in een alternatieve dienst: burgerdienst. Jan vraagt nu een gelijkaardige regeling voor dit fiscale gewetensbezwaar: een burgerdienst voor ons belastinggeld.
De militaire dienstplicht kent twee componenten: de fysieke en de financiële. De eerste is opgeschort, de tweede is springlevend. We zijn met z'n allen fiscaal militair dienstplichtig: fiscale soldaten.
Op 9 december wordt uitspraak van de rechter verwacht.

Met dank aan de vele sympathisanten, vrienden en kennissen die de rechtszaak hebben bijgewoond in Brussel of via mail of telefoon hun steun hebben betuigd.
Bedankt ook aan diegenen die nu en in het verleden al dan niet achter de schermen werk hebben geleverd om dit vandaag mogelijk te maken.
Met dank ook aan de advocaten Denys en Verstraeten voor hun jarenlange pro deo inzet en expertise.

Dinsdag verscheen een mooi artikel in de Gazet van Antwerpen, gisteren stond er een artikel in Het Nieuwsblad en in De Standaard en vandaag verschijnt een artikel in De Morgen (zeker eens lezen). Ook in de GvA zullen er morgen nog enkele regeltjes te lezen zijn.
VTM zond gisteren in het middagnieuws en het nieuws van 19 u. een interview uit dat werd opgenomen voor het Justitiepaleis en ATV zendt ook een interview uit dat werd opgenomen voor het Centraal Station in Antwerpen.
Als je nog ergens iets gehoord of gelezen hebt, laat het dan gerust weten. Het is voor VRAK goed een zo volledig mogelijk inventaris op te maken.

Situering rechtszaak 4 november

Ik ben erkend gewetensbezwaarde tegen de fysieke militaire dienstplicht en ik kan in geweten ook niet meebetalen voor het leger. Wetende dat 7,3 % van onze directe belastingen (gemeentebelasting niet meegerekend) naar militaire defensie gaat, schept dat voor mij en vele anderen een probleem. Het bedrag dat aan militaire defensie word besteedt in België (3,775 miljard euro) komt overeen met 350 euro per persoon per jaar. In 1964 werd het gewetensbezwaar tegen de fysieke militaire dienstplicht erkend en konden gewetensbezwaarden een burgerdienst verrichten. Gewetensbezwaarden tegen de fiscale militaire dienstplicht kunnen in geweten ook niet meebetalen aan het doden en kwetsen van medemensen via het militaire apparaat. De gewetensvrijheid die in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en in het Internationaal Verdrag voor Burgerlijke en Politieke Rechten (BuPo) is erkend, wordt met voeten getreden.

Ik vraag de erkenning van dit gewetensbezwaar en de oprichting van een Vredesfonds. Het geld van dat Vredesfonds kan aan niet-militaire, lees civiele conflictoplossing besteed worden. Sinds 1985 werden daartoe in elke legislatuur wetsvoorstellen door parlementsleden uit verschillende politieke partijen ingediend, maar tot dusver werd geen meerderheid gevonden. Het recentste voorstel in de Kamer van Volksvertegenwoordigers van 29/10/2007 vindt u onder nr. 52K0284/001 . De Aktie Vredesbelasting (VRAK) bewandelt ook de juridische weg en steunt daarom deze rechtszaak.

Korte geschiedenis

Deze zaak behandelt mijn inkomstenbelasting van 1997. In februari 2002 verklaart de rechter bij de rechtbank van Eerste Aanleg zich onbevoegd. In 2003 oordeelt het Hof van Beroep te Antwerpen dat het beroep ontoelaatbaar is. Op 29 september 2006 vernietigt het Hof van Cassatie het arrest van het Hof van Beroep van Antwerpen en verwijst de zaak door naar het Hof van Beroep in Brussel waar dus vandaag de pleidooien werden gehouden.

Mvg,
Jan Hellebaut,
voor de Aktie Vredesbelasting (VRAK),
GSM: 0499/13.88.55.
vrak@advalvas.be

Met de steun van de Aktie Vredesbelasting (VRAK), www.vrak.be en Friends of the Earth, www.motherearth.org.






Delen
05-11-2009, 07:52:53 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

04-11-2009

10 jaar andersglobalisme

Inleiding - van Seattle tot Kopenhagen, tien jaar anti- of andersglobalisme

.

U was het bijna vergeten, de 10de verjaardag van het andersglobalisme? Dat kan gebeuren, zoals de vredesbeweging en de hele pers een jaar geleden vergaten de 25ste verjaardag te herdenken van de allergrootste betoging ooit op Belgische bodem, de vredesbetoging van 23 oktober 1983. Vreemd, als je bedenkt wat er allemaal wel wordt herdacht.
Nu, David Dessers en Matthias Lievens zijn niet vergeten dat tien jaar geleden de andersglobalistische beweging zich overduidelijk op het mondiale toneel manifesteerde met haar geslaagde blokkade van de conferentie van de Wereldhandelsorganisatie in Seattle. De beelden van duizenden betogers - zowel vakbondsmensen, milieuactivisten, NGO-ers als een jonge generatie van heel actieve andersglobalisten - die kruispunten bezetten en door een verraste politie op peperspray en traangas worden getrakteerd, gingen de wereld rond. Nu serveren deze andersglobalisten van het eerste uur
Gebroken Vitrines. De andersglobalisten tien jaar na Seattle, een heel lezenswaardig boek, zowel terugblik als turen naar de toekomst.

.

Het was boeiend om dit boek te toetsen aan mijn eigen kritische kijk op de andersglobaliseringbeweging in het boek De antwoorden van het antiglobalisme. Van Seattle tot Porto Alegre (2001) en na het einde van het tweede Wereld Sociaal Forum (2002). Die bijdragen droegen de veelzeggende titels Waarin de antiglobalisten tekortschieten en Waar blijft de antiglobalistische agenda? (1)

Het is ietwat ironisch om te merken hoe de opsomming en de analyse van de pijnpunten van deze beweging grotendeels dezelfde zijn als acht jaar geleden, en bijna de inhoudstafel leveren van dit nieuwe boek: de vraag naar de uitbouw van de beweging, met een werkzame structuur - veel meer dan een ontmoetingsplaats die als een ‘Woodstock' riskeert te verglijden in de nevelen der verbeelding - en bovenal met haar eigen doelen, met een agenda, zelfs met een programma; de moeilijke kwestie van de verhouding met de politiek en met de staat, en van de opbouw van efficiënte en effectieve tegenmacht; de ongelijkwaardige samenstelling van de beweging en te povere aandacht voor een aantal thema's, de vraag naar welk mondialisme; en de vraag of we het kapitalisme moeten aanpassen dan wel voorbij het kapitalisme moeten geraken ... het blijven allemaal actuele uitdagingen voor deze beweging. Maar begrijp dit vooral niet als een kritiek op de auteurs, integendeel. Want het is hun verdienste dat zij deze kritieken en uitdagingen veel beter argumenteren, en dus met des te meer kracht op dezelfde nagels kunnen blijven kloppen.

Er zijn meer cirkels die het voorbij decennium rond zijn. Het andersglobalisme heeft de kop opgestoken met haar analyse dat het neoliberalisme faalde, denk aan de Aziatische crisis en de andere financiële crises van de jaren negentig van vorige eeuw die het veroorzaakte, denk aan de zware ecologische deficits, de sociale ravages, de culturele averij die het onherroepelijk meebracht en -brengt. En vandaag worstelen we met de grootste financieel-economische crisis in tachtig jaar, samen met de grootste sociaalecologische crisis ooit. Na een - gedwongen - concentratie op de oorlogen in Afghanistan en Irak en een zijsprong of zelfs dwaling richting armoedebestrijding en bijna caritatieve aanpak ervan (herinner u Make Poverty History), staan de vele crises - echte systeemcrises zoals ook tien jaar geleden al duidelijk was - bij de andersglobalisten opnieuw in het centrum van het debat, zoals het hoort.

In het licht van de vele mondiale crises die ons dag aan dag harder overvallen, is de kracht van het andersglobalisme als eerste echte mondiale sociale beweging onontbeerlijk. En dus is de discussie over wat ze moet zijn, aangezwengeld door dit nieuwe boek, meer dan welkom. Als we - letterlijk - onze wereld moeten redden van de ecologische catastrofes om zowel vandaag als morgen iedereen de nodige welvaart te kunnen garanderen, als we daarvoor onmiddellijk de strijd moeten aangaan met een economisch bestel dat ons recht op de klippen doet lopen, dan moet deze beweging vooruit met al wie die analyse deelt; dan kan ze het zich niet veroorloven absoluut iedereen aan boord te willen houden en oeverloos te palaveren, zonder dat ook maar iemand de verplichting heeft mee een minimaal andersglobalistisch programma na te streven, zowel op maatschappelijk, politiek als economisch vlak? Dat was jaren geleden al een dringende vraag, nu is er geen tijd meer te verliezen.

Want zie in welk moeilijk parket het de beweging heeft gebracht. De in 2008 opengebarsten financiële en economische crisis zou zowat iedereen overduidelijk moeten maken dat het neoliberalisme - eigenlijk een andere benaming voor het kapitalisme - het niet aankan om de wereldbewoners van duurzame welvaart te verzekeren. Jammerlijk genoeg staat de andersglobalistische beweging door al dat getreuzel niet klaar met haar programma van alternatieven en heeft zij zich nog niet uitgebouwd tot een maatschappelijke en politieke - laat staan economische - kracht die op basis van dat programma een betere wereld afdwingt. Die alternatieven zijn er nochtans wel degelijk. Zelf heb ik ze vorig jaar alvast bijeengeschreven in een uitgewerkt appèl voor een menselijke samenleving (2), een heus programma voor een sociaalecologische én democratische samenleving en economie, omdat de tijd nu echt wel dringt om deze omslag te forceren. Er is nu diepgaande verandering nodig, snel, op tal van vlakken, en op tal van plaatsen... en die beweging is gelukkig nu al zichtbaar in nogal wat landen.

Ook dat is een terechte vaststelling van de auteurs. Bij ons kunnen velen dan wel denken dat de andersglobalistische beweging niet zo veel meer voorstelt of dat er van alternatieven maar weinig in huis komt. Maar is dat wel de realiteit? Onze media vertellen niet over de veel meer dan honderdduizend aanwezigen op het meest recente Wereld Sociaal Forum in het Braziliaanse Bélem of over de merkwaardig snelle maatschappelijke en politieke evoluties in een aantal Latijnsamerikaanse landen die wel degelijk aan een andere, sociale en democratische economie aan het bouwen zijn, en aan de uitdieping van hun democratie. Als we alternatieven gestalte moeten geven, dan kan en moet dat ook voor een mondiale beweging ergens in één of meer landen beginnen.

Of dit dan de voorbode is van het ecosocialisme waar David Dessers en Matthias Lievens in hun laatste deel voor pleiten? Wie zal het vandaag met zekerheid zeggen? Belangrijker is dat zij zelf zowel de analyse maken van waar de andersglobalistische beweging voor staat, als mee de contouren aangeven van welke richtingen het uit kan. En dat ze ook duidelijk maken waar ze zelf, maatschappelijk en politiek, voor staan.

In deze PALA publiceren we graag het woord vooraf van Gebroken Vitrines. De andersglobalisten tien jaar na Seattle. Eric Goeman van Attac Vlaanderen schreef geen korte en zelfs geen heel makkelijke tekst. Maar hij verdient - net als het hele boek - gelezen te worden. En dus publiceren we hem toch.
.
Dirk Barrez

.

NIEUW BOEK - David Dessers & Matthias Lievens, Gebroken Vitrines. De andersglobalisten tien jaar na Seattle, 2009, 161 p., 12 euro - klik hier om te bestellen


Delen
04-11-2009, 15:25:36 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

Herman vR for president

Herman for president

 

Maandagavond 2 november meldde Terzake een heugelijk nieuws: premier van Rompuy wordt steeds vaker genoemd als mogelijke, zelfs waarschijnlijke  kandidaat om de eerste president van de Europese Unie te worden.

Wat in de VRT-studio opviel was het idiote sfeertje van supporterschap in de trant van: zijn we niet trots dat ons kleine landje in aanmerking komt voor deze topfunctie?

De oudste van Rompuy heeft ongetwijfeld kwaliteiten: hij is intelligent, bezit een sereniteit en onthechting die hem boven de partijen kan doen staan. Maar is deze afstandelijkheid de meest geschikte eigenschap om de EU te vertegenwoordigen op de internationale scène?

Ik dacht juist dat een president van Europa meer enthousiasme en gedrevenheid zou mogen uitstralen. De functie is samen met die van een minister van buitenlandse zaken – voorlopig wordt dat ‘buitengewone’ of ‘hoge vertegenwoordiger’ genoemd – in het leven geroepen om de EU meer prestige en slagvaardigheid te bezorgen. Als we kijken naar het afgelopen jaar dan heeft de regering van Rompuy niet bepaald uitgeblonken door ondernemingslust en efficiëntie. Ze gedraagt zich eerder als een regering van lopende zaken of afwachtende zaken.

Sereniteit kan een eufemisme zijn voor grijzigheid en zo komt van Rompuy alleszins bij mij over ondanks zijn zogenaamd spitsvondige haiku’s: even kleurloos als de kostuums die hij meestal draagt. Hij bezit niet het charisma en voluntarisme van een Verhofstadt en evenmin de doortastendheid van ons Brabants trekpaard Jean-Luc Dehaene. Hem een grijze muis noemen, zou  wellicht een belediging zijn, maar echt enthousiast word je niet van naar hem te luisteren.

En precies een Europees enthousiasme kunnen we best gebruiken: de functie van president van de EU zou moeten ingevuld worden door iemand die een soort promotor of handelsreiziger is in Europees idealisme. De EU moet tastbaarder worden gemaakt in positieve zin, als een bezielend project, dus op een andere manier dan als regelneef en bemoeial. Van Rompuy is  veeleer een stille kracht, met diplomatieke gaven, met meer ‘Zen’ dan  bevlogenheid.

In De Standaard van maandag 2 november suggereert Timothy Garton Ash, professor Europese studies aan de universiteit van Oxford, andere kandidaten zoals Joschka Fischer, gewezen minister van buitenlandse zaken in Duitsland en boegbeeld van de Groenen in heel Europa, en Martti Ahtisaari,  ex-president van Finland en winnaar van de Nobelprijs voor de vrede in 2008. Met permissie gezegd: dit zijn toch namen van een ander kaliber.

Van Rompuy heeft het imago van de betere middelmaat maar niet dat van een politieke reus die weerspannige dingen in beweging brengt. Zijn zalvend toontje kan kneusjes genezen, maar het is niet  het soort zalf dat voor topprestaties zorgt: zijn Belgische regering wordt eerder gekenmerkt door immobilisme, al heet dit gebrek aan  slagvaardigheid dan ‘rustige vastberadenheid’. Bij lichamen in rust zijn vooral de maden actief.

de haan 3 nov. 09


Delen
04-11-2009, 09:32:29 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

03-11-2009

over Brusselmans en Lanoye

Brusselmans en Lanoye: jonge goden van 52

 

Zoals ik in een gedicht heb geschreven, zat ik een week geleden aan tafel met Herman Brusselmans voor een dubbelinterview in ons geboortedorp Hamme aan de Durme.

Even kwam het recente boek van Tom Lanoye ter sprake en vroeg de moderator waarom Brusselmans geen gelijkaardig boek op de markt zou brengen als ‘Sprakeloos’. Hij heeft thuis toch ook wat meegemaakt en zijn beide ouders, die leefden en werkten in het merkwaardige, nogal brutale milieu van de veehandel, zijn inmiddels overleden.

Net als in De Standaard een paar dagen eerder zei de voormalige oppergod van de Vlaamse literatuur dat hij het reeds geprobeerd had om een ernstig boek te schrijven, maar dat het nooit tot een bevredigend resultaat was gekomen.

Wie intussen ‘Sprakeloos’ reeds ter hand heeft genomen, zal weten dat het hier gaat om een roman met een  zeer intense emotionaliteit. Het is puur autobiografisch wat betekent dat Lanoye de confrontatie is aangegaan met zijn eigen verdriet om de aftakeling van een begaafde moeder en het stille, incasserende lijden van zijn vader.

Dit lijkt me het fundamentele verschil met zijn buddy HB: om een of andere reden durft HB deze confrontatie niet aan, zijn boeken  vertonen een vluchtgedrag in de karikatuur en  het chargeren – door overdrijving gaan ze de echte emotie uit de weg.

Daarom zal HB volgens mij altijd een enigszins gerateerd talent blijven, ondanks zijn succes.

Hij is een vakman die een formule heeft ontwikkeld waarmee hij op een voorspelbare manier kan scoren, maar zelden zullen zijn boeken de lezer bij de keel grijpen of aan het denken zetten. Lanoye doet dit wel, hij is een auteur met een veel hogere ambitie en soms maakt hij deze ambitie waar, andere keren niet. Zijn trilogie over ‘de Belgische ziekte’ met ‘Zwarte tranen’ als eerste deel leverde weinig geloofwaardige personages op en een beeld van de corruptie in ons land dat niet boven het niveau uitkwam van de berichten in de kranten.

In recenter werk zoals  ‘Het derde huwelijk’ en ‘Sprakeloos’ slaagt hij perfect. (Over zijn toneelwerk spreek ik mij niet uit omdat ik daar alleen fragmenten van heb gelezen.) Lanoye manifesteert zich meer en meer als een tot rijpheid gekomen talent terwijl HB volgens mij een halftalent zal blijven, juist vanwege een gebrek aan ambitie en durf.

Ooit heb ik  het zo geformuleerd: ‘Alle schrijven is  genadeloos, in de eerste plaats voor de schrijver zelf.’ Een schrijver die zichzelf in bescherming neemt door te weigeren zijn eigen ‘ziel’ en levensgeschiedenis te verkennen, kan nooit het niveau halen van een kunstenaar die wel aan zelfanalyse doet. Dit is mijn persoonlijke overtuiging, misschien kan men voorbeelden uit de wereldliteratuur aanhalen die evenmin in hun getroebleerde gevoelsleven zijn ondergedoken, maar de figuren die ik bewonder – zoals Dostojefski, Amos Oz, György Konrad, Multatuli en Boon – hebben dit duidelijk wel gedaan.

Schrijven is schrijnen: het moet pijn doen – niet altijd, maar wel  als het erom gaat een werk van hoog niveau te realiseren.

de haan 3 nov. 09


Delen
03-11-2009, 11:26:39 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

02-11-2009

lezend in Poëziekrant

taligheid

- lezend in Poëziekrant -

 

dichters praten in gesloten kamers,

ze spreken hun doden aan alsof

hun stenen tafels dansen

 

uitmuntend vervalsen ze hun munten,

lichten de lezer op waar die blozend

bij staat als een timide bakvis

 

in het donker schrijven ze, gordijnen

dichtgeschoven en geesten manifesteren

zich met een kwade adem

 

als een orakel in de kloof van een gebergte,

een klaterend water, zo stromen hun woorden

en de vloed zal de zoeker verstommen

 

dichters houden zich van de domme

wanneer ze de wereld verklaren:

de aarde krimpt in het kristal van hun taal

 

ze zeggen: we zijn niet meer dan

een medium, de pop van een buiksprekende

god, een bezetene van demonen

 

gooi hun ramen open, ruk de gordijnen

van hun ringen: meer licht willen

de dichters en een dode vogel die kan zingen


Delen
02-11-2009, 19:55:38 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

Panorama over Afghanistan

Panorama over de corruptie in Afghanistan

 

Panorama, het paradepaardje van Canvas, is er nogmaals in geslaagd een documentaire aan te kopen die mij als trouwe kijker met verstomming heeft geslagen. Ik had uiteraard al een en ander gelezen over de corruptie in Afghanistan, maar dat het zo erg is, had ik niet verwacht.

Twee feiten zijn me bij gebleven. USAID ( de hulporganisatie van de USA) had beloofd 680 scholen te bouwen. Wanneer de cameraploeg er uiteindelijk eentje vindt, blijkt het een tentenkamp te zijn waar de leerlingen zitten te kleumen van de vrieskou.

In Kaboel moeten de huisjes of krotten van gewone mensen, vaak oud-strijders in de Jihad tegen de Sovjetunie, wijken voor de protserige villa’s en paleizen van de regeringsleden en hun trawanten. Op de huurmarkt haalt zo’n pompeus bouwwerk tot 20 000 dollar per maand.

En ten derde zijn er de schimmige onderaannemers en ngo’s die  donaties incasseren en met de noorderzon verdwijnen.

Op de beelden uit het relatief veilige Kaboel is te zien dat de meeste vrouwen nog steeds in een boerka gekleed lopen, dus op het gebied van emancipatie hebben de parvenu’s en parasieten van Karzai nog niet zo veel bereikt. En dan heeft deze documentaire nog gezwegen over de betrokkenheid van de regering Karzai bij de opiumhandel.

Waarom was ik zo verbaasd? Het heeft alweer te maken met de beeldvorming of perceptie. In de tv-journaals zien we doorgaans president Karzai als een hoffelijke, elegante heer die beschaving en betrouwbaarheid uitstraalt. Van de bende die hem omringt krijgen we bijna nooit beelden te zien.

Er zijn twee mogelijkheden: ofwel is Karzai een buitengewone toneelspeler, ofwel heeft hij geen enkele greep op zijn partners en is hij louter een marionet van Washington.

Moeten we ons dan niet de vraag stellen: ‘What are we fighting for?’

Om te beginnen is de Taliban een tegenstander die bereid is te sterven zodat die enkel te liquideren is door nog meer troepen in te zetten die een gelijkaardige strijdbaarheid vertonen; en de ‘collateral damage’ zal in dat geval nog toenemen wat betekent dat de ‘coalition of the willing’ er alleszins niet zal in slagen om de harten en de geesten van de bevolking te veroveren.

Bovendien toont deze documentaire aan dat er een tweede vijand is in Afghanistan die in moreel opzicht even erg is als de Taliban – althans in de veronderstelling dat men daar democratie en vooruitgang wenst te brengen - en deze vijand is door de invasiemacht zelf aan de macht gebracht.

Om deze twee redenen is de militaire invasie na 8 jaren oorlogvoeren uitzichtloos: de gewapende vijand zal nooit helemaal uit te schakelen zijn, en de parasiterende vijand blijkt niet te controleren en  floreert in een sfeer van straffeloosheid. Onze paracommando’s opereren aan de rand van een moeras dat zelfs de beste bedoelingen in zich opzuigt.

Afghanistan lijkt nog absurder dan een Vietnam bis: miljarden dollars dienen enkel de vernietiging ofwel het profitariaat. En onze minister van defensie is van oordeel dat we solidair moeten zijn met deze waanzinnige operatie.

 de haan 2 nov. 09


Delen
02-11-2009, 10:01:36 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

01-11-2009

Allerheiligen, allerzieligst?

1 november

 

dag van de doden die dagelijks

verrijzen, bladeren knisperen

met een zucht onder je voet,

hoge bomen zijn door een maaiende

hand gebroken,  kraaien dansen

als afgesproken in hun bekende maat

 

dag van gedenken, het verleden

open slaan als een gulden boek;

rondom ruist een waken en wachten

- heuvels van wit zand betuigen

hun hulde, ze verbergen het knagen

en graven om de wortels van helmgras

de bezigheden die voort zullen gaan

 

vroeg ben je opgestaan alsof een stem

jou vroeg om een wake, om vergeten

gebeden van toen je nog voor een steen

ging staan, gebogen  naar een naam

en cijfers, een foto in sepia, een ovaal

van afsnijden waaraan een lichaam ontbreekt

 

dag dat ook jouw heiligen verrijzen,

sombere zondaars, verwarde martelaars

van het veel te grote leven: je hebt

op hun schoot gezeten, hun beven

gevoeld  en zelden was het zeker

of ze lachten of weenden

 

dagelijks zal je hen gedenken,

een volle bladzijde omslaan

in een huldeboek, een register

van rouw en berouwen; zwijgend

met de levende bomen zal je

een schuld belijden, smeken

om een weerzien aan het einde

der tijden wanneer de heuvelen

scheuren en hun boude geheimen tonen:

de bezigheden die nooit zijn opgehouden

 

in geritsel en ruis hoor je een keuvelen,

je  bladert naar een naam en jaartal

alsof ze komen zouden kaal en onbeschreven

schoon als een steen en zonder verhaal,

een verschijnen dat aarzelen zou

zoals de aanvang van een leven


Delen
01-11-2009, 12:17:05 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

zo kan je een leraar ook zien?

orthopedagogie

 

een leraar is jong, al nadert

de witte vlag van zijn baard

de bult van zijn navel

 

hij laat de wereld van de eerste

keer zien, het zonlicht in schuine

banen wanneer de bomen sluimeren

 

een leraar wijst aan en hangt

de dingen hun namen om

als een snoer en een keten

 

hij voedt het weten als een speelse

hond die snuffelt aan geurvlag

en kleren: dit is me vreemd,

iets anders dat mij verandert

 

een leraar loopt voor, wacht

en laat zijn volgeling voorgaan

waar afgesloten wegen zich openen

 

hij is een gids die grif zal toegeven:

nu ben ik het spoor bijster, maar ik toon

je waar de tekenen staan, de baken

en het veer, we klimmen aan boord,

komen aan waar de rivier zal stromen


Delen
01-11-2009, 08:16:45 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

31-10-2009

volledig katholieke scholen

‘volledig katholieke’ scholen

 

René Stockman, generaal-overste van de Broeders van Liefde, onderzoekt op verzoek van  ‘een groep ouders’ de mogelijkheid om scholen op te richten die onderwijs zullen verschaffen ‘zoals de katholieke leer dat voorschrijft’. De toekomst behoort aan het verleden: de pluralistische samenleving moet wijken voor een terugkeer naar de verzuiling.

Ik heb ruim 30 jaar les gegeven in een katholieke school en heb twee dingen vastgesteld. Bij eucharistievieringen moesten de opvoeders  of leerkrachten rondlopen als waakhonden om de kudde in bedwang te houden. Ooit moest een priester de eredienst 3,4 keren onderbreken omdat de jongelui zo rumoerig waren dat hij zichzelf niet meer verstond.

Ten tweede: als je jongeren de kans laat om vrij te praten over  het geloof dan merk je  dat er alleen maar minderheden zijn. De grootste groep is nog recht in de leer, een kleinere hangt het ‘ietsisme’ aan (er moet toch ‘iets’ zijn buiten de waarneembare werkelijkheid), andere sympathiseren met een Oosterse spiritualiteit en de kleinste minderheid is zonder meer atheïst.

Wat betekent onderwijs ‘zoals de katholieke leer het voorschrijft’ bijvoorbeeld voor een onderwerp als homoseksualiteit? Kardinaal Danneels heeft ooit in De Zevende Dag verklaard: ‘We zullen de homo’s als mens gedogen, maar ze mogen hun geaardheid niet beleven’. Kan men verwachten dat jongeren die hun homoseksuele geaardheid ontdekken, in deze context zich zullen outen of complexloos door het leven zullen gaan?

Mij is het ook een raadsel wie die groep ouders wel mag zijn als je ziet dat er steeds minder katholieken hun geloof praktiseren: gaat het hier om een achterhoede die de huidige wereld als een bedreiging ervaart en daarom terug wil naar een geromantiseerd verleden toen schoolmeester en pastoor nog onaantastbare autoriteiten waren?

Wat Stockman en de ouders die hij beweert te vertegenwoordigen op het oog hebben is maatschappelijke segregatie en voor de kinderen zelf betekent het indoctrinatie. En naar mijn mening is indoctrinatie een misdaad tegen de kinderrechten. Is het niet raar dat we quasi unaniem de seksuele intimiteit tussen een volwassene en een minderjarige veroordelen terwijl we het meest intieme van de jonge mens – namelijk zijn ontluikende persoonlijkheid –  zouden blootstellen aan een pedagogisch klimaat dat neerkomt op een intellectuele en morele aanranding?

 de haan 30 okt. 09


Delen
31-10-2009, 12:04:44 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

30-10-2009

GOK of de verbeelding aan de macht

GOK of de verbeelding aan de macht?

 

Er is heel wat heftige reactie gekomen op het feit dat minister van onderwijs Smet het Steunpunt Gelijke Onderwijskansen (GOK) wil sluiten. Ik kan hierover weinig zeggen omdat ik met het GOK geen ervaring heb.

Wel kijk ik vreemd op van de reactie van Orhan Agirdag, een onderwijssocioloog van de UGent, die ervoor pleit om een aantal lessen in de thuistaal te geven  omdat hij uitgaat van het principe dat de school moet aansluiten bij de leefwereld van de leerlingen.

Betekent dit dan dat er ook  lessen moeten worden aangeboden in het dialect omdat bij veel autochtone leerlingen thuis enkel het dialect wordt gesproken? En in de steden leven heel wat jongeren op straat: zullen we dan ook maar vertrekken van de straatcultuur?

De school is een milieu van acculturatie, van cultuurverwerving, en dit proces dient te gebeuren in de cultuurtaal en in Vlaanderen is dit het Nederlands.

Gelijke kansen houdt in dat men  alle leerlingen ernstig neemt, wat mijns inziens twee zaken impliceert: een grote luisterbereidheid – ook buiten de lesuren – en veel ruimte voor zelfexpressie. Jongeren moeten de kans krijgen om zich uit te drukken niet enkel verbaal, maar ook plastisch en muzikaal. Het lessenaanbod of leerplan moet dus in die zin worden aangepast zodat het louter receptieve stilzitten wordt ingeperkt ten voordele van het expressieve en dynamische.

Of om het te zeggen met een bestofte slogan: ‘de verbeelding aan de macht.’ Het kernwoord in het onderwijs is enthousiasme: alleen enthousiaste leerkrachten mogen verhopen dat ze iets van hun bezieling kunnen overbrengen op hun leerlingen. Grijze muizen creëren alleen verveling.

De school moet  een plek worden waar het aangenaam toeven is zonder in te leveren op de onderwijskwaliteit. Dit kan door geregeld de muren van het klaslokaal te doorbreken. Zeker de taalvakken kunnen af en toe gegeven worden  buiten de klas. Dit hoeft niet veel te kosten als men activiteiten organiseert in de onmiddellijke omgeving van de school, dus op loopafstand.

Met mijn leerlingen  ben ik geregeld naar het park geweest waar ze een observatie- en schrijfopdracht kregen. Jaren later, bij een schoolreünie, spreken ze er nog van. Dichterbij kan je ze op de parking van de school een voorwerp, bijvoorbeeld een  wagen of brommer, aandachtig laten waarnemen en beschrijven en ze kunnen er een verhaal rond fantaseren. Dit zijn allesbehalve gemakkelijke opdrachten want geconcentreerd waarnemen gebeurt niet vanzelf en nog minder het vinden van de exacte woordenschat.

Daarnaast zijn er tal van mogelijkheden om ze al improviserend te laten toneelspelen waarbij men inderdaad situaties uit hun dagelijks leven kan kiezen.

De essentie is volgens mij dat men jongeren en kinderen ernstig neemt. Je moet streven naar een zo hoog mogelijk niveau, maar de manier waarop dit gebeurt kan veel creatiever en veel flexibeler en veel persoonlijker vooral.

We hebben geen nood aan lessen in het Turks of Arabisch, wel aan lessen waarin de Turkse en Arabische cultuur aan bod kan komen. Leerlingen moeten het gevoel hebben dat ze in hun unieke persoonlijkheid worden geapprecieerd: dat doe je door open te staan voor hun uniek verhaal en door ze kansen te bieden om zichzelf in alle mogelijke  expressievormen uit te drukken. Zo leer je ze beter kennen en kan je nauwkeuriger inschatten wie behoefte heeft aan extra zorg en ondersteuning.

de haan 30 okt. 09

 

 


Delen
30-10-2009, 10:53:58 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

29-10-2009

een schoonheid in De Haan

droomster in zwarte laarzen

 

er hangt een zwijgen rondom

haar, het versteende van beelden

een boek wordt niet gelezen,

ze droomt de woorden van het blad

 

haar hoofd lijkt  leeg en tegelijk

een oord van bezigheden, een open

ruimte in een oude stad waar

dure waren worden aangeprezen

 

je ziet haar bleek gezicht en zwarte

laarzen, de glans van vastberadenheid

terwijl haar ogen traag verdwalen

in de nevel van een twijfel

 

ze heeft het afwezige van  doorgehaalde

woorden, verhalen  afgeschraapt van

zeldzaam velijn, de sier van ranken

die een verdwenen tekst omringen

 

ze staat erbij in zwarte laarzen,

een starend naakt gekleed in dure

dingen, een beeld dat levend en even

goed van glanzend steen wil zijn


Delen
29-10-2009, 10:39:24 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

28-10-2009

vleermuis - een Hams gedicht

vleermuis

 

vader, u vond er de woorden

niet voor, er was meer

waarover u hebt gezwegen

 

hoe zou ik uit uw schaduw

treden, een vleermuis

houdt mijn borst en keel

omwikkeld, al stikkend

moet ik praten, eden

zweren dat ik u nooit

en nergens zal verraden

 

ik ben uw zaad, uw bloed

doorgespoeld met de droefheid

van moeder, ik ben uw verteerde

vlees: een slak, een glijdend

slijm gelijmd aan uw verleden

 

u vond er nooit de woorden

voor en milder zal ik spreken

over de dwaasheid van uw droom

en meer over de smart van het ontwaken

 

de vleermuis is van dons en zijde

en graag wil ik nu  zwijgen

ik draag  de last van  broze huisjes

op mijn rug: uw  belasterd verleden,

ons moede leed, de droeve stilte van moeder


Delen
28-10-2009, 08:22:48 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

27-10-2009

reactie van een zeer gerespecteerde collega


Dag Staf,

In het BSO van het VHSI gaf ik jarenlang les. Ik kwam er liever dan 
in de sportafdeling.
Het voorlaatste jaar van mijn beroepsloopbaan had ik in mijn klas een 
Marokkaanse jongen : Nabil Quanoune.
Hij woonde in Sint-Jans Molenbeek. Zijn moeder wilde hem weg halen 
uit de sfeer van macho-gedrag bij zijn vrienden en kennissen.
Dus naar Brugge. Duur internaat. Sparen want vader is er vandoor.
Nabil is afgestudeerd in het zevende kantoor en verkoop en werkt in 
een advocatenbureau in Brussel.
Hij spreekt vlot Nederlands, vlot Frans en vlot Arabisch.
Vorig jaar nodigde hij me uit om de Marokkaanse wijk in Brussel te 
gaan bezoeken en halal te gaan eten (op zijn kosten!)
Een heerlijke jongen.
Hij werd de school uit gepest door de heer adjunct-directeur. Zijn 
zesde en zevende jaar heeft hij dus in Brussel gedaan.

In die klas zaten allemaal rebellen. Heerlijke rebellen. Als ik er 
een ontmoet is het net geen omarming.
Er was daar ook een meisje dat ultra-rechts was. Ze was vaste klant 
in "De Kastelein" die op last van de Brugse burgemeester gesloten 
werd wegens openlijk racisme.
Ze verklaarde ooit openlijk tijdens de les dat haar idool Adolf 
Hitler was.
Als titularis confronteerde ik hen met elkaar en met zichzelf door 
beiden uit te dagen om mij te overtuigen van de suprematie van hun 
cultuur.
Ze faalden jammerlijk en ontdekten dat het allemaal maar een idée-
fixe was.
Voor Céline zocht ik bewijzen dat de Vlaamse cultuur waar ze 
eigenlijk niets van afwist heel rijk was op alle vlakken.
Voor Nabil verzamelde ik onder andere opnames van Quanoune-muziek : 
superieure muziek waar de meeste beroepsmusici van bij ons niet eens 
kunnen van dromen. Blaak dat zijn vader Quanoune speelde. Alleen wist 
hij niet dat het zo mooi kon klinken.

Om een lang verhaal kort te maken : ze zijn nu bevriend.
Céline gaat Nabil regelmatig opzoeken in Brussel. Dan lopen ze door 
de wijk waar de helft van de vrouwen gesluierd zijn.

Heerlijk nietwaar?

Wat jammer dat er in naam van het christendom, en met het kruis in de 
vuist, zo veel haat en bitterheid bestaat tegenover mensen van een 
andere cultuur.

PS :
Toen ik ontdekte dat Nabil de ramadan onderhield (in alle stilte, 
niemand mocht het weten, een vriend van hem vertelde het me omdat 
Nabil nauwelijks te eten had),
drong ik er bij Directeur Ketels op aan alle warme maaltijden terug 
te betalen aan de moeder, die zelf het eten uit haar mond spaarde om 
het internaat te kunnen betalen.
Het siert Hugo dat hij dat stipt gedaan heeft, niettegenstaande de 
negatieve woorden van zijn adjunct.
In de herinneringen aan het VHSI is het een van de hartverwarmende.

Miek

Delen
27-10-2009, 19:50:31 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

over 'vreemden' van Mark Elchardus

over ‘Vreemden’ van Mark Elchardus (zie De Standaard van maandag 26 oktober)

 

Professor sociologie Mark Elchardus heeft een studie gepubliceerd over onze omgang met ‘nieuwe Belgen’ die hij wenst aan te duiden met het woord ‘vreemden’ omdat dit woord volgens hem het best weergeeft hoe we deze nieuwkomers ervaren.

Elchardus verklaart de houding van xenofobie vanuit onze ervaring van kwetsbaarheid: we schuiven de problemen die we ondervinden af op de ‘vreemden’ omdat we ergens toch naar toe moeten met ons onbehagen en ons gevoel van machteloosheid tegenover de zichtbare en onzichtbare machten van deze tijd.

Mijn ervaringen binnen en buiten mijn vak bevestigen deze stelling. Op school hoorde ik het vaakst racistische uitspraken van leerlingen die de risee  van de klas waren: hun lage zelfbeeld moest omhoog gekrikt worden door op anderen die nog minder voorstellen te schelden. Dit is het bekende naar beneden schoppen om hogerop te klimmen. Niettemin mogen we ons door dit beeld niet laten verblinden: ook in rijke buurten wonen racisten en daar is hooghartigheid of pretentie wellicht de oorzaak  van racistische minachting –  het misprijzen slaat daar trouwens ook op autochtone kansarmen of werklozen of op iedereen die er anders uitziet. Een BMW en een twee-pk’tje is nooit een goed huwelijk geweest.

Elchardus verwacht veel van ons onderwijs, in het bijzonder van het beroepsonderwijs. De school moet de verdraagzaamheid aanleren door ze voor te leven. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Elchardus niet bepaald een aanhanger is van het hoofddoekenverbod.

Ik kan over het beroepsonderwijs niet zoveel zeggen omdat ik er zelf nooit heb les gegeven. Ik heb altijd mijn collega’s bewonderd die daar met een onuitputtelijk geduld dagelijks de strijd aanbonden met de schoolmoeheid.

Onverdraagzaamheid, wat ook de psychologische achtergrond ervan mag zijn, komt tot uiting in de vorm van veralgemeningen en louter instinctieve oprispingen. We moeten dus jonge mensen leren argumenteren en nadenken over hun eigen stellingnames.

Ik zal een concreet voorbeeld geven. Iedereen kent wellicht het VTM-programma ‘Recht van Antwoord’ van Goedele Liekens. Dit kan je probleemloos kopiëren naar de klas. Je vraagt twee leerlingen om een krantenartikel over een actueel onderwerp samen te vatten en uit deze samenvatting een stelling te deduceren. In de klas komen ze tegenover elkaar te zitten  en na de bekendmaking van hun standpunt mag de rest van de klas een keuze maken bij wie ze willen gaan supporteren. Drie leerlingen vormen de raad van ‘drie wijzen’ en één leerling krijgt de rol van Goedele. De raad van wijzen krijgt als opdracht de argumentatie te evalueren: ze moeten dus niet zeggen wie gelijk heeft, wel wie het beste heeft geredeneerd.

Al wat de leerkracht dient te doen is achteraf een extra evaluatie toevoegen, alweer niet van de standpunten as such maar van de bewijsvoering en  de fouten tegen de logica. Indien nodig kan je ongewenste uitlatingen corrigeren maar dan met eigen argumenten.

Waar het hier op neerkomt is een dubbel doel: de leerlingen leren zeer geconcentreerd naar elkaar luisteren en ze worden aangespoord om zich te verdedigen met feiten en een logisch betoog. Ze zijn hier dol op, zowel in het ASO als in het TSO, en ik vermoed ook in het BSO.

Zo’n debatformule vraagt om een andere schikking van de klas en vaak mocht ik vaststellen dat de tafels al op hun nieuwe plaats stonden toen ik de klas binnen kwam.

En je ontdekt onverwachte talenten. Een leerling met zwakke punten kan zich ontpoppen tot een echte advocaat en in tegenstelling tot wat vaak beweerd wordt zijn er zeer vechtlustige meisjes die zeker niet op hun kop laten zitten. Zeer dikwijls  worden de beste prestaties geleverd door leerlingen die leider of leidster zijn bij een jeugdbeweging: die hebben het vergaderen, overleggen en discussiëren daar blijkbaar spontaan geleerd. Het is dan ook geen toeval dat je het minst xenofobe of racistische houdingen aantreft bij leden van een jeugdbeweging.

Leren debatteren is leren op zoek gaan naar de nuance en inzien dat de waarheid vele facetten heeft. Het is tegelijk een oefening in emotionele intelligentie of empathie: men leert zich te verplaatsen in het standpunt van de andere. Vermits deze standpunten zelden ‘met redenen omkleed’ worden in het gewone leven van de jongeren, lijkt het me cruciaal dat dit op school wordt aangeleerd.

de haan 27 okt. 09


Delen
27-10-2009, 12:14:45 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

26-10-2009

op een podium met Brusselmans

duo-interview met Brusselmans

- bij een panelgesprek in ons geboortedorp Hamme -

 

dorpsgenoot, het dorp wil je eren

als de idioot van het dorp:

geen sombere zonderling,

een lapzwans wil het horen

 

nochtans het volstaat

je huid te beroeren,

de palm van je hand,

een boerse schop die

in aarde  moet wroeten

in de aard van het woord

dat ons telkens verraadt

 

het volstaat de dubbelstem

te ontleden, de toon  die

mee dreunt, het verzwegen

akkoord, de angstige zanger

die zich verschuilt in het koor

 

het dorp wil en je voldoet

aan zijn wensen,  het schatert:

de idioot heeft gesproken,

hij droeg zijn masker van

ons geliefde carnaval

 

niet de knieval wil het zien,

het ontbreken, het taaie

van de taal die weigert

een moeder te noemen

zoals ze ooit onder een  laken

heeft gelegen, haar hoofd

in een krans van kaarsen,

haar mond een verwonding

die zich nooit meer sluit

 

niet de taaie, de lenige grepen

uit de ransel van je idioom

haal je naar boven: beffen

en naaien, achterwaarts

in de poes, en poeslief

dompelt het dorp je onder

in een daverend applaus

 


Delen
26-10-2009, 18:08:49 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

vader was bij het VNV

de gardeville is daar

 

ach, het huis mijns vaders,

nog dagelijks wordt het gesloopt

met zijn spoken die rammelen

aan hun keten, al de kreten

die niemand anders heeft gehoord

- vader heeft ze verzwegen, hoeveel

verhalen hij ook heeft verteld

al die keren dat we samen

zaten met de nacht om ons heen

dik en warm als een deken

 

hoe zal je zijn zwijgen vertalen

in een droevig begrijpen, zijn weigeren

om duidelijk te spreken over de smaad

die hem werd aangedaan, hij een boer,

een werkmens en soldaat die nooit

zou smeken al zakten zijn machtige

schouders en de hoeken van zijn mond

steeds lager naar de aarde tot die open ging

en gulzig ook zijn schaduw verslond

 

huis van mijn vader, ik kom nader,

klim op je zolder en buig voor je spoken:

het bruine papier, het zwarte uniform,

de twee witte strepen op de wenkende

mouw,  iemand wil zich verklaren en weer

zit je aan tafel onder de gonzende

buislamp, bij een laatste sigaret

en boven wacht de klamme kamer

met haar slapeloze bed

 

begrijpen is weten hoe dromers

worden beetgenomen door de dreun

van hoog gestemde woorden

tot ze ontwaken bij het stampen

van de laars, de vendels die al

zingend marcheren, de kerels

van een wereld die Vlaanderen heet

 

huis  van mijn vader, ook vandaag

moet ik je slopen, jouw spoken verjagen

door ze te noemen bij hun naam

ze dragen een mouw met twee

strepen, een kepie met kokarde

schuift van een nagel en gruis verstuift

in een dorre, verpoederde hagel

nu het zadeldak inzakt en waar

wordt gezongen: de gardeville is daar?


Delen
26-10-2009, 11:51:47 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

25-10-2009

bedelen is arbeid

bedelen is arbeid

 

Ik ben het volkomen eens met wat Hilde Kieboom in De Morgen van zaterdag 24 oktober schrijft over de opruiende boodschappen  die de MIVB  verspreidt in de Brusselse metro. Ik gebruik met opzet het werkwoord ‘opruien’ omdat deze boodschappen inderdaad de vijandschap van  sommige reizigers tegenover de bedelaars doen toenemen.

Zouden we er niet beter van uitgaan dat bedelen een vorm van arbeid is? Wie dit niet gelooft, moet zelf maar eens in weer en wind een hele dag op straat gaan staan of de vernederingen trotseren waaraan bedelaars zijn blootgesteld.

Wanneer we bedelen als arbeid beschouwen kunnen we meteen de misbruiken duidelijk afbakenen: kinderarbeid is onaanvaardbaar dus ook bedelende kinderen. En iedere arbeider verdient een minimum aan bescherming en aan menswaardige arbeidsomstandigheden, dus ook de bedelaar.

Het is natuurlijk zo dat  in een beschaafde samenleving de nadruk dient te vallen op gestructureerde of geïnstitutionaliseerde solidariteit via het leefloon, de opvangcentra etc

De systematische solidariteit is te beschouwen als een binnenlandse ontwikkelingshulp en net als bij de buitenlandse zou ‘hulp’ moeten neerkomen op ‘samenwerking’: de doelstelling moet zijn de bedelaar  zelfredzaam te maken en op weg te helpen om deel te nemen aan de economische bedrijvigheid en zo een vast inkomen te verwerven.

Maar alle goeie bedoelingen ten spijt zullen er altijd individuen door de mazen van het net vallen, hoe fijnmazig dit netwerk ook mag zijn.

Wat mij telkens weer opvalt wanneer het onderwerp bedelen in mijn omgeving ter sprake komt, is dat mensen allerlei drogredenen verzinnen om toch maar geen muntstuk te moeten uitdelen terwijl zij gulle schenkers zijn aan wie reeds een inkomen heeft. Zij zien er bijvoorbeeld niet tegenop om een fles wijn op restaurant veel te duur te betalen, ze geven fooien, maar  de confrontatie met bedelaars doet hen een totaal andere houding aannemen: dan gaan ze nadenken over elke cent. Het Mattheusprincipe in de praktijk: aan wie heeft zal worden gegeven.

Men kan bedelaars als een schande beschouwen maar dan valt het stigma van de schande niet op de bedelaar maar op onze maatschappij die in haar verzorgende taak te kort schiet. En dat zal ze altijd doen, ook met de meest menslievende politici aan het bewind: soms door de eigen keuze van de bedelaar die zich om een of andere reden niet met de samenleving wenst te verbinden. Maar wie het recht op zelfbeschikking essentieel vindt, moet ook voor deze keuze respect opbrengen.

Bedelaars kom je tegen in alle steden van enige omvang in Europa: wie geeft zal soms een aanraking als souvenir mee naar huis nemen en soms een zegening door een gelovig oud vrouwtje die zelfs het hart van een godloochenaar kan verwarmen. Aalmoezen geven doe je nooit zonder droefheid en zeer dikwijls met schaamte omdat het bedrag volgens de stem van je geweten nooit voldoende zal zijn: je zou willen dat het niet nodig was en dat je zoals de heilige Martinus je mantel in tweeën zou kunnen snijden, maar de gedachte dat een medemens alleszins die ene dag geen honger hoeft te lijden is al een bescheiden troost.

Schreef Remco Campert niet dat verzet begint met kleine daden? Ons verzet tegen de schande van de armoede kan beginnen met de kleine daad van de aalmoes. En de volgende stap gebeurt in het kieshokje waar je een stem kan geven aan een partij die de solidariteit op een gestructureerde manier gestalte wil geven.

 de haan 24 okt. 09


Delen
25-10-2009, 07:59:13 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

24-10-2009

na 5 jaar nog eens samen

schoolreünie

 

het weerzien was kort en bondig

de verhalen, signalen van een wereld

die de oude meester ontgaat

 

hij onthoudt wat ze hebben onthouden:

de brieven die ze schreven in een park,

berichten naar een ingebeelde geliefde;

al de keren dat de schoolse muren

werden gesloopt en de schoonheid

werd onthaald met een lustige fanfare

 

meisjes werden jonge vrouwen, de ene

al moeder, de andere werkzaam in de zorg,

een fluisteraar verkende een buitenland;

de primus, de stilste, dompelt zich onder

in geduldig onderzoek en wetenschap,

de tweede kanjer schrijft soms in een krant

 

de oude meester hoort het aan

en dankbaar neemt hij afscheid:

ze hebben hun weg gebaand

en hij was langs de kant

een bordje met een pijl die

zich splitste als een gespleten tong

 

geen richting duidde hij aan,

wel de wil om te bewegen -

met een jong hart zijn ze

hun gang gegaan en hij

beluistert hun verhalen en later

de andere die ze verzwegen

 

hij weet nu: het is niet vergeefs

geweest, zijn woorden ontkiemden

in vruchtbare grond: de ene werd

leraar, een derde heeft nog steeds

een droom om de mond


Delen
24-10-2009, 08:29:58 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

23-10-2009

dopingjagers schieten op grof wild

what about whereabouts?

 

In De Morgen van 22 oktober  voorspelt wielermanager Jef Van den Bosch – naar aanleiding van de zaak Wickmayer en Malisse - dat er ‘een tsunami van problemen met whereabouts op komst is.’

Laten we aannemen dat doping een vorm van fraude is. Er zijn twee andere te noemen die een veel grotere repercussie hebben op onze samenleving en op de mogelijkheden om een politiek beleid te voeren, met name de fiscale en sociale fraude (het zwartwerk).

Kan men zich inbeelden dat potentiële zwartwerkers als werklozen, parttimers en ploegarbeiders, verplicht zouden worden om drie maanden van te voren aan te geven waar ze zullen verblijven zodat ze van 6 uur ’s morgens tot 10 uur ’s avonds kunnen gecontroleerd worden? Welke vakbond zou dit aanvaarden?

Voor alle burgers geldt de bescherming van de grondwettelijk gewaarborgde rechten, zoals het recht op privacy, voor topatleten is een uitzonderingsrecht van toepassing dat doet denken aan een totalitair regime. Of aan de afbraak van de burgerrechten in de VS onder Bush in het kader van de ‘war on terror’.

Doping is een kwaal, maar moeten we aanvaarden dat de remedie erger wordt dan de kwaal, gewoon omdat wijzelf geen topatleten zijn en  de repressie ons niet kan raken?

Het blijft me verwonderen dat hiertegen zo weinig protest ontstaat. Ik zie minstens twee verklaringen: topatleten zijn hyperindividualisten die  het verzuimen om zich te organiseren in een slagvaardige vakbond, ze vormen trouwens al bij al een heel kleine minderheid in onze samenleving. En ten tweede behoren dopingschandalen tot de spektakelwaarde van de sport: het publiek pretendeert er een afschuw van te hebben maar in werkelijkheid smult het ervan.

Wat mij bij mijn derde verklaring brengt:  dopingzondaars zijn de zondebokken van een door en door corrupte samenleving, hun bestraffing is een ritueel van zuivering. Iedere betrapte en gestrafte atleet brengt de massa de illusie bij dat er nog waarden als eerlijkheid en zuiverheid ernstig worden genomen. Zoals Leo Ferré het lang geleden heeft gezongen: ‘La morale, c’est toujours la morale des autres.’ We leggen anderen een strikte moraal op die we nooit op onszelf zouden willen toegepast zien. Het incivisme en niet het voetbal noch het wielrennen is onze nationale sport: wij maken er een sport van om de fiscus op te lichten of minstens toch te ontlopen, maar van  topatleten eisen  we absolute onkreukbaarheid.

Kortom, de dopingrepressie is niet enkel een schending van fundamentele rechten, ze is in de eerste plaats een hoogmis van de hypocrisie.

 de haan 22 okt. 09

 


Delen
23-10-2009, 10:20:55 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z

22-10-2009

een mail van Michael Moore ter informatie

"Michael Moore's Action Plan: 15 Things Every American Can Do Right Now"

You've Seen the Movie -- Now It's Time to ACT!

Thursday, October 22, 2009

Friends,

It's the #1 question I'm constantly asked after people see my movie: "OK -- so NOW what can I DO?!"

You want something to do? Well, you've come to the right place! 'Cause I got 15 things you and I can do right now to fight back and try to fix this very broken system.

Here they are:

FIVE THINGS WE DEMAND THE PRESIDENT AND CONGRESS DO IMMEDIATELY:

1. Declare a moratorium on all home evictions. Not one more family should be thrown out of their home. The banks must adjust their monthly mortgage payments to be in line with what people's homes are now truly worth -- and what they can afford. Also, it must be stated by law: If you lose your job, you cannot be tossed out of your home.

2. Congress must join the civilized world and expand Medicare For All Americans. A single, nonprofit source must run a universal health care system that covers everyone. Medical bills are now the #1 cause of bankruptcies and evictions in this country. Medicare For All will end this misery. The bill to make this happen is called H.R. 3200. You must call AND write your members of Congress and demand its passage, no compromises allowed.

3. Demand publicly-funded elections and a prohibition on elected officials leaving office and becoming lobbyists. Yes, those very members of Congress who solicit and receive millions of dollars from wealthy interests must vote to remove ALL money from our electoral and legislative process.

4. Each of the 50 states must create a state-owned public bank like they have in North Dakota. Then congress MUST reinstate all the strict pre-Reagan regulations on all commercial banks, investment firms, insurance companies -- and all the other industries that have been savaged by deregulation: Airlines, the food industry, pharmaceutical companies -- you name it. If a company's primary motive to exist is to make a profit, then it needs a set of stringent rules to live by -- and the first rule is "Do no harm." The second rule: The question must always be asked -- "Is this for the common good?" 

5. Save this fragile planet and declare that all the energy resources above and beneath the ground are owned collectively by all of us. Just like they do it in Sarah Palin's socialist Alaska. We only have a few decades of oil left. The public must be the owners and landlords of the natural resources and energy that exists within our borders or we will descend further into corporate anarchy. And when it comes to burning fossil fuels to transport ourselves, we must cease using the internal combustion engine and instruct our auto/transportation companies to rehire our skilled workforce and build mass transit (clean buses, light rail, subways, bullet trains, etc.) and new cars that don't contribute to climate change. Demand that General Motors' de facto chairman, Barack Obama, issue a JFK man-on-the-moon-style challenge to turn our country into a nation of trains and buses and subways. For Pete's sake, people, we were the ones who invented (or perfected) these damn things in the first place!!

FIVE THINGS WE CAN DO TO MAKE CONGRESS AND THE PRESIDENT LISTEN TO US:

1. Each of us must get into the daily habit of taking 5 minutes to make four brief calls: One to the President (202-456-1414), one to your Congressperson and one to each of your two Senators. Take just one minute on each of these calls to let them know how you expect them to vote on a particular issue. Let them know you will have no hesitation voting for a primary opponent -- or even a candidate from another party -- if they don't do our bidding. Trust me, they will listen. And if you really want to drop an anvil on them, send them a snail mail letter!

2. Take over your local Democratic Party. Remember how much fun you had with all those friends and neighbors working together to get Barack Obama elected? YOU DID THE IMPOSSIBLE. It's time to re-up! Get everyone back together and go to the monthly meeting of your town or county Democratic Party -- and become the majority that runs it! There will not be many in attendance and they will either be happy or in shock that you and the Obama Revolution have entered the room looking like you mean business. President Obama's agenda will never happen without mass grass roots action -- and he won't feel encouraged to do the right thing if no one has his back, whether it's to stand with him, or push him in the right direction. When you all become the local Democratic Party, send me a photo of the group and I'll post it on my website.

3. Recruit someone to run for office who can win in your local elections next year -- or, better yet, consider running for office yourself!

4. Show up.  Hold vigils and marches. Consider civil disobedience. Those town hall meetings are open to you, too (and there's more of us than there are of them!). Make some noise, have some fun, get on the local news. Place "Capitalism Did This" signs on empty foreclosed homes, closed down businesses, crumbling schools and infrastructure.

5. Start your own media. You. Just you (or you and a couple friends). The mainstream media is owned by corporate America and, with few exceptions, it will never tell the whole truth -- so you have to do it! Start a website of real local news (here's an example: The Michigan Messenger). Tweet your friends and use Facebook to let them know what they need to do politically. The daily papers are dying. If you don't fill that void, who will?

FIVE THINGS WE SHOULD DO TO PROTECT OURSELVES AND OUR LOVED ONES UNTIL WE GET THROUGH THIS MESS:

1. Take your money out of your bank if it took bailout money and place it in a locally-owned bank or, preferably, a credit union.

2. Get rid of all your credit cards but one -- the kind where you have to pay up at the end of the month or you lose your card.

3. Do not invest in the stock market. If you have any extra cash, put it away in a savings account or, if you can, pay down on your mortgage so you can own your home as soon as possible. You can also buy very safe government savings bonds or T-bills. Or just buy your mother some flowers.

4. Unionize your workplace so that you and your coworkers have a say in how your business is run.  Nothing is more American than democracy, and democracy shouldn't be checked at the door when you enter your workplace. Another way to Americanize your workplace is to turn your business into a worker-owned cooperative. You are not a wage slave. You are a free person, and you giving up eight hours of your life every day to someone else is to be properly compensated and respected.

5. Take care of yourself and your family. Sorry to go all Oprah on you, but she's right: Find a place of peace in your life and make the choice to be around people who are not full of negativity and cynicism. Look for those who nurture and love. Turn off the TV and the Blackberry and go for a 30-minute walk every day. Eat fruits and vegetables and cut down on anything that has sugar, high fructose corn syrup, white flour or too much sodium (salt) in it (and, as Michael Pollan says, "Eat (real) food, not too much, mostly plants"). Get seven hours of sleep each night and take the time to read a book a month. I know this sounds like I've turned into your grandma, but, dammit, take a good hard look at Granny -- she's fit, she's rested and she knows the names of both of her U.S. Senators without having to Google them. We might do well to listen to her. If we don't put our own "oxygen mask" on first (as they say on the airplane), we will be of no use to the rest of the nation in enacting any of this action plan!

I'm sure there are many other ideas you can come up with on how we can build this movement. Get creative. Think outside the politics-as-usual box. BE SUBVERSIVE! Think of that local action no one else has tried. Behave as if your life depended on it. Be bold! Try doing something with reckless abandon. It may just liberate you and your community and your nation.

And when you act, send me your stories, your photos and your video -- and be sure to post your ideas in the comments beneath this letter on my site so they can be shared with millions.

C'mon people -- we can do this! I expect nothing less of all of you, my true and trusted fellow travelers!

Yours,
Michael Moore

 


 

You are currently subscribed to michaelmoore as: staf.de.wilde@pandora.be
Add maillist@michaelmoore.com to your email address book to ensure delivery
Forward to a Friend  |  Manage Subscription  |   Subscribe  |   Unsubscribe
Net Atlantic

Delen
22-10-2009, 16:44:57 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (0)
z z

Michael Freilich over de hoofddoek

Michael Freilich over de hoofddoek (in De Morgen van 22 oktober)

 

Is het verwonderlijk dat Michael Freilich, de hoofdredacteur van ‘Joods Actueel’, ‘neen’ zegt tegen de hoofddoek en ‘ja’ tegen de pruik van gehuwde orthodoxe Jodinnen? Deze man heeft, om met de bijbel te spreken, altijd de splinter gezien in het oog van een ander en nooit de balk in het eigen oog.

Laten we wel wezen: de pruik is net als de hoofddoek de uitdrukking van een negatieve seksuele obsessie. Beide zien het  haar van de vrouw als een instrument van verleiding, als het listige werk van de  satan.

Het gaat in wezen om een patriarchale visie op de vrouwelijke seksualiteit met een nadruk op de maagdelijkheid. Freilich mag eens vertellen hoeveel Joodse tienermeisjes de kans krijgen zich in het uitgangsleven te storten en te experimenteren met relaties. Hoeveel orthodoxe Jodinnen trouwen buiten hun eigen geloofsovertuiging?

En dan heb je nog de talloze vrijheidsbeperkingen, zowel voor mannen als voor vrouwen, die volgen uit de sabbat. De grote kracht van de Joodse traditie is dat ze daar zelf de spot mee kan drijven. Ik verwijs onder meer naar het boek ‘Joodse humor’ van de Joodse professor Salcia Landmann. We kunnen hier allemaal van leren, zeker de moslims en andere godvrezenden onder ons. Maar we moeten nog de eerste Jodenmop horen uit de mond van Michael Freilich.

Het verschil met de islamitische attitude is enkel gradueel, niet fundamenteel. Het belangrijkste verschil, zoals Freilich het zelf aangeeft, is de zichtbaarheid van de hoofddoek: een dure pruik zie je niet. Juist om die reden is een hoofddoekenverbod in de praktijk  (en niet in theorie) discriminerend: moslima’s  met hoofddoek vallen op, zeker als ze optreden buiten hun eigen milieu en bijvoorbeeld werk gaan zoeken bij de overheid – iets wat orthodoxe Joden met keppeltje en peiges (pijpenkrullen) niet doen: die vinden wel een job bij hun geloofsgenoten.

Freilich wil de indruk wekken dat hij zich verzet tegen religieuze druk op meisjes en vrouwen. Hij kiest de gemakkelijkste weg, namelijk de in het oog springende mistoestanden bij de moslims die niemand wenst te verdedigen: hij trapt dus een open deur in. Maar over de ontelbare onvrijheden in zijn eigen chassidische milieu zwijgt hij. En hij bezit niet de relativerende humor om er eens een mopje over te vertellen.

de haan 22 okt. 09

 

 


Delen
22-10-2009, 10:21:32 staf de wilde
Algemeen
comment Reacties (1)
z z
previousVorige pagina homepage
Home
Archief
Beoordeel mijn blog





Bekijk de resultaten
E-mail

Druk op de onderstaande knop om me te mailen.

d footer