19-03-15

lezers gevraagd

lezers gevraagd

 

In de eerste kan Germaanse heb ik van een assistent (Frans Dambre) geleerd: ‘Poëzie in een lade is waardeloos, ze bestaat niet eens.’ Ik geloof nog altijd dat hij gelijk heeft.

Een gedicht wordt minstens met twee gemaakt: door een dichter en een lezer. Die laatste kan actief participeren door correcties voor te stellen, maar zelfs louter receptief doet hij of zij het gedicht opnieuw ontstaan in zijn of haar geest.

Ik verstuur nog zelden gedichten naar literaire tijdschriften: die worden nauwelijks gelezen. Het internet biedt mij een uitkomst: op Facebook en Skynet vind ik mijn vaste en ook nieuwe lezers. Zoals gezegd suggereren die soms opties ter verbetering (die ik dankbaar ter harte neem zelfs als ik ze niet opvolg) of ze delen een schouderklopje uit en wie van ons kan zonder?

Mijn voorkeur gaat uit naar een poëzie die communiceert, ook als het gedicht vraagt om een herhaalde lezing: er moet iets worden gedeeld. Een ontroering, een verontwaardiging, een verwondering. Alleen als die communicatie tot stand komt, heeft het gedicht zin gehad: begrip en meevoelen betekenen dat het vers niet vergeefs is geschreven.

Daarom: laat de reacties maar toestromen, ze blijven altijd hangen in mijn hoofd, ook al doe ik er ogenschijnlijk niets mee. Ook kritiek is een vorm van participeren.

de haan 19 maart 2015

08:55 Gepost door staf de wilde | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.